Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Werkloonen. — Zie Aanneming. 6293. 4.

Werkman. — Zie Huur en verhuur. 6429. 3.

Werkstaking. — Zie Koop en verkoop. 6371. 2.

Wertheim (A. C.) gekozen lid le Kamer. 6356. 4.

Wessemios (B.) ca. de N. V. Nedeilandsche hoeden-, petten- en

pelterijenfabriekeri. 6390. 1.

Westerholt (A. J- Baronnesse van) ca. I. Th. G. Nasz. 6317. 2. Westervoort. — Kerkvoogden der Herv. gem. te — ca. Th. A.

Snelders. 6416. 2.

Wetenschap. — Zie Overeenkomst. H. R. 6416. 1.

Wetgeving. — Justitie. Hoofdstuk — der Staatsbegrooting voor 1893. Behandeling in de le Kamer. 6286. 1.

— Idem voor 1894 —. 6393. 1; M. v. T. 6394. 1; V. Versl. 6411. 1; 6412. 1: M. v. A. 6419. 1; 6420. 1; 6421. 1: Aann. 2e Kamer. 6423. 4.

— Staatsbegrooting. Uittreksels uit de schriftelijke gedachtenwisseling der le Kamer over verschillende hoofdstukken der — voor 1893. 6287. 1.

— Uittreksel uit het debat in zake Duel. 6288. 1; 6289.1; 6290.1.

— Burgerlijke Rechtsvordering (Wetboek van). Wijziging van art. 469 — M. v. Antw. 6291. 1; Aann. 2e Kamer. 6304. 4; Aann. le Kamer. 6317. 4; Behand. le Kamer. 6319. 1; Opn. Stblad. 6321. 4.

— Maatregelen van inwendig bestuur. Wetsontwerp tot wijziging van art. 3 der wet van 26 April 1852 (Stbl. no. 92), houdende regeling der afkondiging van algemeene — van den Staat en Toel. 6292. 1; V. V. '6323. 1; M. v. A. 6336. 1; Aann. 2e Kamer. 6340. 4: Aann. le Kamer. 6346. 4; Behand. le Kamer. 6349. 1.

— Onteigening ten algemeenen nutte. Voorstel van wet van den heer van Houten. 6294. 1 ; M. v. T. 6295. 1; 6296. 1.

— Overeenkomst met België, om wederkeerig ingezetenen toe te laten om kosteloos te procedeeren. Wetsontw. 6297. 1; Beschouwing daarover. 6297. 4; V. V. 6337. 1; M. v. A. 6379.1; Aann. 2e Kamer. 6391. 4.

— Instelling van Kamers van Arbeid en Nijverheid bij de wet of bij algemeenen maatregel van bestuur. Uittr. uit Mem. v. Antw. der ontwerpen Pijttersen en Schimmelpenninck van der Oye. 6300. 1.

— Faillissement. Wetsontwerp op het — en de surséance van betaling. Bericht omtrent het Verslag 2e Kamer. 6304. 4; Voorstel-Levy 6315. 1; 6316. 4; 6317. 1; Behand. 2e Kamer. 6322. 4; 6324. 4; V. V. le Kamer. 6367. 1; 6368. 1; M.v. A. le Kamer. 6388. 1; 6389. 1; 6390. 4; Afkondiging. 6398. 4.

— Spoorivegen- Wetsontwerp tot wijziging der wet van 9 April 1875 houdende regeling van den dienst en het gebruik der — M. v. A. 6307. 1; Aann. 2e Kamer. 6310. 4; Beraadsl. 2e Kamer. 6312. 1.

— Recht. Organisatie. Intrekking, van art. 87 van de wet op de — en het beleid der justitie en in verband daarmede tot wijziging van eenige bepalingen der bestaande wetgeving. M. v. A. 6324. 1; 6325. 1; Aann. le Kamer. 6346. 4.

— Fabrieks- en handelsmerken■ Bepalingen op de -—. Wetsontw. 6326. 1; Mem. v. T. 6327. 1; 6328. 1; 6329. 1; 6330. 1; V. V. 6344. 1; M. v. A. Nota v. wijz. 6346. 1; Nadere nota v. wijz. 6354. 1; Aann. 2e Kamer. 6372. 4; Aann. le Kamer. 6391. 4; Eindverslag le Kamer. 6392. 4.

— Burgerlijke Rechtsvordering. (Wetboek van). Voorstel van Mr. A. F. K. Hartogh tot wijziging van het —. 6350. 4.

— Belasting op bedrijfs- en andere inkomsten. Beraadslaging over art. 48 van het wetsontwerp tot regeling der—.6351.1; 6352. 1.

— Koophandel (Wetboek van). Ontwerp tot wijziging van de artikelen 380 en 383 van het —. 6395. 1.

— Getuigenbewijs. — Wetsontwerp tot uitbreiding van bewijs door getuigen in burgerlijke zaken en M. v. T. 6396. 1.

— Waterschappen en Veenschappen. Wetsontwerp tot uitvoering van art. 191 der Grondwet. 6403. 1; 6402. 1.

— Homologatie van akkoord buiten faillietverklaring. Voorstel van wet van Mr. Levy en M. v. T. 6414. 1.

— Buitenlandsche Zaken. Mem. v. beantw. omtrent hoofdstuk—. Uitleveringstractaten. 6423. 1.

— voor Ned.-Indië. — Zie Cassatie. H. R. 6419. 1.

Wettelijke interesten. Over —. 6295. 4.

— termijnen. — Zie Vereffeningsprocedure. 6292. 3.

Wettig bestaan. — Zie Stichting. 6306. 2.

— bewijs. — Zie Bewijs. H. R. 6275. 1; H. R. 6322. 1. — Zie Drankwet. H. R. 6367. 2.

Wettige tegenspraak. — Zie Conclusie van antwoord. 6277. 3. Wickevoort Crommelin (H. van) ca. Vrouwe C. A. Fraser. 6404. 3. Wicquefort. Les —. 6318. 4.

Wiener Versicherungs Gesellschaft ca. A. de Voogd van der

Straaten. 6311. 2.

Wier (W. D. van der) ca. D. J. van der Wier. 6352. 3.

Wijck (Jhr. 0. H. A. van der) benoemd tot Gouv.-Gen. van

Ned.-Indië. 6359. 4.

Wijn. —■ Zie Accijnsen. 6406. 1.

Wijnbergen (A. J. M. J. van). Onze marken onder de werking der wet van 10 Mei 1886 door Mr. A. E. B. 6338. 3.

Wil. - Zie Vonnis. H. R. 6281. 1.

Willemsen (J.) ca. G. J. Kuitenbrouwer. 6410. 3.

Willigenburg (P. L. van) ca. J. B. Kemper. 6311. 3.

Wilsverklaring. — Zie Bedrag. H. R. 6424. 1.

Wind (J.) ca. het Bestuur der registratie. 6408. 4.

Windsciieid (B. von) —. Een Fransch jurist over —• 6282. 4.

Winst.' — Zie Nalatenschap. H. R. 6280. 1. — Zie Rekening en Verantwoording. 6275. 3.

Winstderving. — Zie Schade. 6429. 1. — Zie Schadevergoeding. 6387. 1.

Winter (J. E.) ca. V. en W. Bruin. H. R. 6294. 1.

Wissel. — Een endossement gedaan na den vervaldag van eenen wissel, kan niet worden beschouwd als de akte van cessie, bedoeld in art. 139 W. v. K. Rechtb. Leeuwarden. 6317. 3.

— Degene die een van non-betaling geprotesteerden wisselbrief «per procuratie» voor den trekker geteekend heeft, kan door den houder niet tot vergoeding van den wissel worden aangesproken.

Hij die zijnen last te buiten gaat, treedt daardoor tegenover derden niet in de plaats van den lastgever. Rechtb. Amsterdam. 6366. 3.

— Complaisance-papier.

Moet worden aangenomen dat de overgelegde akte betrekking heeft op de betaalde assignatie ? — Ja.

Is de bepaling van art. 1915 B. W. toepasselijk op een akte, waai'bij de uitgever eener assignatie zich tegenover den acceptant daarvan verbindt om voor de betaling te zorgen?—• Neen. Rechtb. Rotterdam. 6371. 3.

— De acceptant van een wisselbrief die in rechten aangesproken wordt op grond dat die wissel van non-betaling is geprotesteerd, is niet-ontvankelijk in zijn verzoek om in vrijwaring te roepen een derde die in strijd met zijn contractueele verplichting zou hebben verzuimd voor dekking van dien wissel te zorgen. Rechtb. Arnhem. 6375. 2.

— De wisselkoers wordt niet geregeld naar de waarde van de naastbij gelegene beurs maar naar die van de plaats alwaar de houder woont, omdat aldaar de betaling moet geschieden.

De houder van een geprotesteerden wissel, die, nadat de trekker op eene aangewezene plaats in handen van een aangewezen persoon, eene som heeft gestort, desniettemin een herwissel trekt en dezen van non-betaling doet protesteeren, pleegt geene onrechtmatige daad.

De terughouding van een betaalden wisse) door den houder daarvan stelt niet daar eene onrechtmatige daad. Rechtb. Maastricht. 6395. 2.

— Het niet tijdig doen \an het protest is van geen invloed op de verplichtingen van den trekker tegenover den houder van een wissel of orderbiljet. Rechtb. Breda. 6408. 2.

— Zie Beslag. 6278. 3. — Zie Schuldvordering. 6409. 2.

Woning. — Zie Echtgenoote. 6399. 2.

Woonplaats. — De gekozen woonplaats, in art. 286 B. R. bedoeld, is die, welke bij de dagvaarding is aangewezen ter voldoening aan art. 5 no. 1 B. R.

Belang der gedaagden bij de exceptie van nietigheid van dagvaarding, ontleend aan de niet-inachtneming van laatstgemelde bepaling op grond, dat door dit verzuim is belet de voeging van een derde in het geding, waardoor de gedaagden in hunne verdediging zijn benadeeld. Ktgr. Lemmer. 6291. 4.

— In art. 764 Rechtsvord. moet onder bekende woonplaats worden verstaan eene vaste woonplaats, niet eene, zij het ook bekende, tijdelijke verblijfplaats. Rechtb. Leeuwarden. 6305. 2.

— Moeten de termijnen, in artt. 7 en 8 B. R. voorgeschreven, berekend worden naar de werkelijke of naar de gekozene woonplaats? — In eerstgemelden zin beslist.

Treden, ten aanzien van de toepassing der bepaling van art. 2 B. R. bij beteekening aan eene gekozene woonplaats, de bewoner van het aangewezen gebouw en diens huisgenooten in de plaats van den gedaagde en zijne huisgenooten ? — Ja. Rechtb. Utrecht. 6362. 4.

— Zie Betaling. 6323. 2. — Zie Faillissement. 6418. 1. — Zie Kwaadwillige verlating. 6318. 3. — Zie Vennootschap. 6384. 2. — Zie Verhoor op vraagpunten. 6328. 3.

Wraking. — Art. 1950, 3°. B. W.

De advocaat en procureur die als zoodanig een proces in eersten aanleg heeft aangeraden, aangevangen en gevoerd, kan in hooger beroep als getuige gewraakt worden, al is hij in die instantie als procureur vervangen. Rechtb. 's-Hertogenbosch. 6300, 4.

— Zie Dienstboden. H. R. 6380. 1. — Zie Vonnis. 6335. 1.

Y.

Ytens. — Het college kerkvoogden der Herv. gemeente te — ca. R. Zijlstra. 6322. 2.

— R. Zijlstra ca. het college van kerkvoogden der Herv. gem. te —. H. R. 6347. 1.

z.

Zaagloon. — Prijsberekening. 6340. 2.

Zaagmachine. — Zie Koop en verkoop. 6371. 2.

Zaak buiten den handel. — Zie Wegen en voetpaden. H. R. 6300. 1.

Zaltbommel. — De Staat ca. den dorpspolder —. 6348. 1.

Zand strooien. — Zie Plaats. Verord. II. R. 6312. 2.

Zedelijk lichaam. — De Noorder Doopsgezinde Gemeente te Giethoorn kan niet ontbonden worden geacht alleen omdat het getal der leden tot één is gedaald; evenmin heeft op dien grond alleen het doel van dat zedelijk lichaam opgehouden te bestaan.

Om als laatst overblijvend lid van dat zedelijk lichaam zich als eigenaar der bezittingen daarvan te kunnen contenanceeren en mitsdien in eene reivindicatie van daartoe behoorende, op gepretendeerd onwettige wijze overgedragen onroerende goederen ontvankelijk te zijn, moet blijken dat gemeld laatste lid vóór de dagvaarding dat zedelijk lichaam heeft ontbonden.

Rechtb. Heerenveen. 6380. 1.

— Zie Onrechtmatige daad. 6285. 4; Zie Registratie. H. R. 6282. 1.

Zee (S. S. van der) ca. S. M. en J. M. van Balen. 6359. 4.

Zeegevaar. — Zie Verzekering■ 6357. 4.

Zeenood. — Zie Schip. 63J7. 2.

Zeep. — Sunlight-zeep.

Is Sunlight-zeep geparfumeerde zeep ? — Neen. Rechtb. Rotterdam. 6295. 2.

— In het bij de wet van 15 Aug. 1862 (Stbl. no. 170) vastgestelde tarief van rechten op den in-, uit- en doorvoer, beteekend geparfumeerde zeep «welriekende zeep».

Sunlight-zeep is geen geparfumeerde zeep. Hof's-Gravenhage. 6361. 2.

(Zie het vonnis a quo der Arrond.-Rechtbank te Rotterdam, dd. 7 Jan. 1893 in Weekbl. no. 6295).

— Zie Valschheid. H. R. 6320. 1.

Zeereis. — Zie Burgerlijke stand. 6299. 3.

Zeeschip. — Zie Aanvaring. 6385. 2. .•>

Zegel- en registratiewetten. — Circ. van den Min. v. Financien omtrent de toepassing der — op stukken betrekkelijk gedingen van onvermogenden. 6333. 4.

Zeilend schip. — Zie Dagvaarding. 6420. 3.

Zekerheidstelling. —• Waar het ingestelde appel betreft een door den appellant in eersten aanleg opgeworpen exceptie en nog niet de vordering, door den geintimeerde als oorspronkelijk eischer ingesteld, is de oorspronkelijke eischer — vreemdeling — die als zoodanig reeds zekerheid heeft gesteld in het tusschengeschil, waarin hij als verweerder opkomt, niet verplicht weder in appel zekerheid te stellen. Rechtb. Amsterdam. 6295. 3.

— Van den vreemdeling, eischer in eersten aanleg, gedaagde in hooger beroep, kan in hooger beroep geene zekerheid worden , gevorderd, wanneer dat beroep alleen betreft de afwijzing van eene in eersten aanleg door den oorspronkelijken gedaagde

en appellant ingestelde en verworpen exceptie. H. R. 6325. 1.

— Zie Vruchtgebruik. 6288. 4.

Zelfmoord. — Zie Verzekering. 6286. 3.

Zelle Cz. (A.) ca. W. Sprenger. H. R. 6443. 1.

Zestien jaar. — Zie Getuigenverhoor. H. R. 6373. 1.

Zichtbaar gebrek. — Zie Koop en verkoop. 6402. 3.

Zijlstra (R.) ca. het college van kerkvoogden der Herv. gem.

te Ytens. H. R. 6347. 1.

Zillesen (Mr. H.). — Wetboek van Strafvordering. 6343. 4.

Zinnicq Bergmann (Mr. E. van). — Art. 251 Wetb. van Straf-

, vordering. 6286. 4.

Zoetermeer. — Zie Plaats. Verord. II. R. 6342. 2.

Zondag. — Zie Cassatie. H. R. 6404. 1.

Zondagen. — Zie Jacht en visscherij. II. R. 6308. 2.

Zon- en feestdagen. — Zie Koop en verkoop. 6379. 2.

Zoon. — Zie Aansprakelijkheid. 6250. 2. — Zie Vennootschap. 6368. 3.

Zuid-Afrikaansche Bankvereeniging te Amsterdam ca. M.

Jansen. 6383. 2. r

— Handelmaatschappij ca. de Trans-Atlantische Brandverzekering-Actie-Maatschappij. 6299. 3.

Zutphensche Schroefstoombootreederij ca. A. Kopeke. 6358, 2.

Zwaar lichamelijk letsel. — Toepassing van art. 308 W. v.

Strafr. 6323. 4.

— Onder zwaar lichamelijk letsel moet worden begrepen eene verwonding, die in den aanvang levensgevaarlijk is te achten, maar spoedig daarna dat karakter verliest, ook zonder dat daaruit voor den verwonde voortdurend letsel overblijft. Rechtb. Heerenveen. 6324. 4.

— Misdrijf gepleegd aan boord van een vreemd koopvaardijschip, dat zich op het gebied van het Koninkrijk in Europa bevindt, staat ter kennisneming van den Nederlandschen rechter.

Noch bij art. 143 noch bij eenig ander artikel van het Wetboek van Strafvordering is voorgeschreven, dat ook het uur, ter nadere aanduiding van den tijd moet worden opgegeven. Rechtb. Middelburg. 6363. 2.

Zwet (P. H. van der) ca. E. Ivruisinga. 6407. 3.

Zwiep (M. en H.) ca. L. Johannink. 6352. 2.

Zwolle. — Zie Plaats Verord. H. R. 6402. 2.

Sluiten