is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1814, 01-01-1814

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3i. De wetten en reglementen omtrent het regt van waarborg over (le gouden en zilveren werken, zoodanig1 als die laatsteli k in deze landen zijn geïntroduceerd geworden , en in den jare i8i3 hebben bestaan, bij Ons besluit van den 26 December i8i3 provisioneel en tot nadere voorziening, onder de daarbij bepaalde exceptien, gecontinueerd geworden zijnde, zijn Raden en Generaal-Meesters verpligt aan derzelver stipte observantie en naleving dé hand te houden, en alle overtredin" derzelven tegen te gaan, door de ambtenaren van de kantoren van waarborg te doen tegengaan, en de overtreders, Volgens de voorschriften der wet, te doen straffen.

3 2 Edoch wordt aan Raden en Generaal Meesters , als een Vau hunne eerste pligten en zorgen aanbevolen , de zamenstelling van eene aigemeene wet op den goud- en zilversmedenhandel , waarbij de bepalingen van de thans vigerende wetten en reglementen tot één gebragt, en dezelven,zoo veel noodig , naar de gebruiken en gewoonten dezer landen gewijzigd worden, daarbij in 't bijzonder in het oog houdende de noodzakelijkheid en het groot belang dat er in gelegen is, om door liet in stand houden der kantoren van waarborging , zamengesteld uit ambtenaren, alleen aan het gouvernement ondergeschikt, en onafhankeli k van de werkmeesteren of liandeldrij venden m goud tn zilver, de ingezetenen voor bedrog te behoeden, en het krediet van de in deze landen gefabriceerd wordende werken, en het vertrouwen op de van 'slands wege op dezelven te stellen merken, te vestigen en te behouden, zoo wel als om aan de inlandsche fabrijken en den handel in goud en zilver de meest mogelijke gunst en aanmoediging te verschaffen

35. Aan Raden en Generaal-Meesters der Munt wordt , bij Uitsluiting de magt opgedragen, tot het admitteren van essaijeurs voor de commercie; — niemand zal als zoodanig kunnen o mogen fungeren, dan, na dat hij vooraf door den inspecteur en essaijeur-g«neraal zal zijn geëxamineerd, en, op het goed rapport van denzelven, door Raden en Generaal-Meesters met eene akte van admissie en commissie als essaijeur zal zijn voorzien. ~

34-, De Raden en Generaal-Meesters der Munt zullen zoo spoedig mogelijk', na derzelver in functietreding, zic.i 011 edig houden met de opstelling en de voordragt van de particuliere instructie» yoor den inspecteur en essayeur-generaal,