is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1815, 01-01-1815

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den toegestaan van f i -10- - voor eiken rijniandsehen morgei? beploegde zaailanden tot vijf morgen toe , doch niet hooger.'

Art. 2.

G aarderlo orien.

Boven de hoofdsom, in het vorig artikel vermeld, zal worden geheven het gewoon gaarderloon der ontvangers en het gene verder bij art. 59 dezer ordonnantie, voor het rondbrengen tUr aansl ig-biljstten en wat dies meer' is , wordt bepaald.

Art. 3.

Paarden behoorende lol de iste ilasss.

Voor paarden behoorende tot de iste klasse worden gehotfden de paarden van particulieren, zonder onderscheid, of dezelve hiïn in eigendom bebooren. dan wel of zij. d.ie van stalhouders of' verhuurders van paarden of ook van iemand anders in huur of gebruik houden of hebben en om het even of dezelve als gezadelde rijpaarden gebruikt, dan wel als harddraverspaarden, met een dekje gereden, gebezigd worden of voor welk soort van rijtuigen dezelve gespannen worden.

Art. 4.

Pdarden behoorende lót de 2dé llassé.

§ 1. Voor paarden behoorende tot de 2de klasse worden" gehouden de paarden van fabrijkanten, trafikanten pn neringdoende li éden, welke alleen en uitsluitend voor fabrijk, trafijk en neringwerk dienen en geenszins voor vermaak of gemak tevens gebruikt worden.

§ 2. Onder paarden van fabrijkanten, trafijkanten en rieringdpende lieden , zullen niet mogen aangegeven worden de paarden van reizende compagnons of bedienden van dezelven.

Deze paarden zullen moeten aangegeven worden als paarden van de eerste klasse en ais zoodanig beschreven en ter legger jjebragt worden.