is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1815, 01-01-1815

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van insgelijks dadelijk door hem pp de evengenoemde lijsten aanteékening te worden gedaan.

55*.,;De werkzaamheden der loting alzoo afgeloopen iijt.de, zullen de lotings-lijsten van elke gemeente worden^evcrifieeïd en gesloten en door den mü tie-commissaris met liet tegenwoordig zijnde lid van ieder plaatselijk bestuur geteekend , om door deuzelveu binnen aclit dagen, na iedere loting, te worden ingezonden aan den Gouverneur, ten einde door dezen te worden ter band gesteld aan het lid der Staten, hetwelk den militieraad zal presideren.

56. Voor het scheiden der vergadering zal de militiecommissaris openlijk kennis geven van de da^en en uren, op welke de militieraad zijne zittingen in de hoofdplaats van het militie - district zal houden, ter beoordeling der rn~ (Lenen van vrijstelling, welke door de geloot ^hebbenden %.\\i voorgesteld; en van deszelfs nadere zitting, tot liet onder'.' L der plaatsvervangers en die genen welke , 'van n: ...•<« anken verlangen ie verwisselen.

5?. Oe plaatselijke besturen zullen binnen vijf dagen na de Jot'jig, in behoorlijke orde opgemaakt, aan den militie-commissaris inzenden alle de papieren en bewijsstukken, tot de reclamatiën om vrijstelling van de ingezetenen hunner gemeente behoorende , op den rug beschreven m t den naam , het nummer van loting en den korten inhoud van iedex dier stukken.

38. Van de nationale militie zal niemand worden vrijgesteld, dan de zoodanigen welke volgens de bepalingen, in deze wet Vervat, of ongeschikt zijn voor den dienst, of redenen van Veischooning hebben; terwijl zij, die niet verlangen den dienst in persoon waartenemen, een ander in Hunne plaats zullen kruinen stellen.

De beooi deeling der redenen van vrijstelling, zoo wel als het onderzoek der plaatsvervangers, zal worden toevertrouwd aan den militieraad. Liij, die zich bij de uitspraak van den militieraad bezwaard acht,, zal zich aan de Gedeputeerde Staten kunnen adresseren, die, na een nieuw onderzoek? .finaal zullen beslissen.

.^9. De eerste zitting van den raad tot het, beoordeele» der vrijstellingen, zal dit jaar, zoodra mogelijk, en voorts uiterlijk op den loden Maart van ieder jaar worden ge~