is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1815, 01-01-1815

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te condemneren, zal des auditeurs conclusie tenderen, l®'1 einde de beschuldigde van de instantie worde geabsolveerd» met bijvoeging van dezelfde clausule als in het voorgaand0 artikel is opgegeven.

121. De beschuldiging voor bewezen houdende, zal de auditeur concluderen dal de beschuldigde zal worden gecoti" demneerd tot zulk eene bepaalde correctie of straf, als W oordeelt te moeten eischen of tot zulk eene andere correcUe of straf, als de krijgsraad in goede justitie zal bevinden te behooren; — en dat wijders de beklaagde zal worden gecofl" demneerd in de kosten, te dier zake gevallen, ter ta*»00 en moderatie van gemelden krijgsraad.

122. De auditeur zal bij zijne conclusie moeten voegeI1 niet alleen alle de verhooren, bewijzen en verdere stukke0 welke tot de zaak betrekking hebben, het zij dezelve kunne0 strekken tot bezwaar, het zij tot verligting van den beschu»' digden, maar ook van dat alles maken en bij het proC<-'s overleggen een inventaris van stukken waarop de geprod°' ceerde documenten kortelijk beschreven, en met letters nummers staan aaugeteekend, ten einde door den krijgsraad' op alle bijzonderheden, het noodige regard worde geslageö'

12 0. Wanneer alzoo de conclusie van den auditeur-®1' litair met de stukken zal zijn ingeleverd bij den krijgsraad* zal zulks ter kennisse gebragt worden van den beschuldigd*0' die, des goedvindende, van al het door den auditeur ingedie11' de, ten zijnen koste, kopij bekomen en eene memorie t0 zijne verdediging inleveren kan, mits binnen acht dageI) Dezen lijd -verstreken zijnde, zal de zaak worden voortgezet

124. Ten aanzien van getuigenissen of verklaring®1^ wordt in het algemeen, bij de decisie der zaak, geen rega^ geslagen , dan op zulke die behoorlijk zijn beëedigd gerecolleerd, voor zoo verre de beklaagde de daarin ve vatte daadzaken negeert.

125. De zaak in staat van wijzen gebragt zijnde,

de leden van den krijgsraad daarover eerst onderling delike ^ ren en besoigneren, ten einde eikanderen omtrent het ëe