is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1816, 01-01-1816

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gegeven van zes maanden, om dezelve dien conform in te rigtcn.

Bij de meting of water-ijking zullen de ketels zoodanig to# aan den rand gevuld moeten zijn, dat de insnijding, die in de meeste ketels van den mond tot aan den rand gevonden Wordt, met een zetbordje moet wezen afgesloten.

Desgelijks zullen de zeepzieders of zeepmakers, die bij de fabrikagie zetborden gebruiken, dezelve, tijde der meting of water-ijking, op den rand hunner ketels plaatsen en zorg dragen dat dezelve vóór de meting van rondsomme zijndigt gesmeerd of digt gevoegd, ten einde de meting der ketels naar den bovenrand van dc zetborden kunne plaats hebben.

De geëxhibeerde zetborden zullen van 'sRijks wege gebrand , en ieder zetbord zal afzonderlijk v»n hetzelfde nummer voorzien worden als de ketel waar voor het gemaakt is; zullende hiervan almede in het proces - verbaal gewag gemaakt worden.

Art. 5o.

Verplaatsing of verandering der letels.

Geene ketels of zetborden van zeepzieders of zeepmakers zullen mogen verkocht, afgestaan, geleverd, uitgebroken, veranderd, of vergroot of verkleind worden, zonder voorkennis der administratie.

Deze kennisgeving zal ingeleverd moeten worden bij de ambtenaren der indirecte belastingen in de gemeente , alwaar de zeepzieder!] of zeepmakenj gelegen is, en vergezeld gaan van de vereischte omschrijving van het pand en gereedschap of werktuig.

Art. 5l.

Opschrift boven de in- en uitgangen der zeepziederijen of zeepmakerijen.

Zij, die tot den aanvang of tot de voortzetting van het zeepzieders- of zeepmakers- bedrijf aangifte hebben gedaan, zullen verpligt wezen, ter. hoogte van tien of vijftien voeten, of wel drie of vijf méters boven den voornaamsten ingang dei fabrijk, indien de gelegenheid van het gebouw het toelaat, «n anders 10 of i5 voeten boven den grond, doqh altijd

G bo-