is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1816, 01-01-1816

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voerder vermeenen mogte met de meting ol telling^ ot ook met de keuring en klassificatie, van de rondemaat suhjeetié specien bezwaard te zi n, zal het hem, voor zoo veel hij , krachtens art. l3 dezer wet, daarvan voor de kwantiteit niet geresilieerd hehbe, vrijstaan eeue hermeting, hertelling of' herkeuring te vorderen ten koste van ongelijk.

De ambtenaar der indirecte belastingen, welke te dezen gesteld is om 's .Rijks belangen waar te nemen , zal een gelijk regt van hermeting en hei keuring kunnen inroepen.

De telling zal in dat geval geene plaats hebben , maar de geheele partij moeten worden gemeten.

De herkeuriug zal moeten verligt worden door een ander beëedigd Rijks keurder, a!s boven door den hoogsten ambtenaar in loco aan te wijzen.

INader verschil ontstaande over de klass.ficatie der Specien, zal de ambtenaar, gesteld over de lossing van de partij, wegens welke het geschil bestaat, eene sak vullen. welke dooiden gemelden ambtenaar, en den zeehandelaar oi anderen belanghebbenden die zich als opposant stelt, verzegeld zal Worden , en door den ambtenaar of dcszelfs aldaar zich bevindende superieur in ofjicio, zullen worden opgezonden aan den directeur der indirecte belastingen, ouder wiens provincie de losplaats behoort. Deze op-jtzoi de.ie specien zullen worden geëxamineerd en beoordeeld door twee deskundige personen, waarvan de eene door den directeur en de tweede door de'daarbij geconcerneerde partij zal worden benoemd wanneer deze beide mogten verschillen , zullen zij gezamenlijk een derde keurder benoemen om tusschen hen te beslissen j en bij aldien zij omtrent de keuze van dezen zich niet mogten kunnen verstaan, zullen zij daarvan aan den directeur kennis geven, welke zich aan Gedeputeerde Staten der provincie ïal adresseren , ten einde de derde keuider door dezen worde gedesigneerd; opgenoemde keurders zullen eene schriftelijke verklaring van hunne bevinding afgeven om zonder verder beroep ten rigtsnoer te strekken.

Wanneer bij de hermeting of herkeuring het verschil minder bedraagt dan een vijftigste gede.lte, zullen, onverminderd het redres, de kosten uitgetrokken worden ten laste van hem die de hermeting of herkeuring gevraagd heelt.

Het verschil een vijftigste gedeelte of daarboven bedragende ten nadeele van den lande, zal de meter onderhevig Wezen aan eene boete, door de administratie, in overeenstemming met de bepalingen van de algemeene wet op den