is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1816, 01-01-1816

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 53.

De commisen zullen de uitgaande paspoorten, na gedane visitatie en in orde - bevinding, altoos weder geven aan de genen die dezelve hebben vertoond, uitgezonderd op de uiteiste wacht, alwaar dezelve moeten ingetrokken worden, ten ware om bijzondere redenen een duplikaat-paspoortzoude mogen zijn afgegeven, om op dc uiterste wacht te worden ingetiokksn.

Art. 09.

Wijders zal aan den eersten ambtenaar ter plaatse der lading ot lossing mogen worden verzocht, en, daarvoor bijzondere redenen zijnde, door hem mogen worden verleend schriftelijke permissie, om vóór zonnen op- of na zonnen ondergang te mogen laden of lossen; welke permissie gra/ift veileend en door de verzoekers aan de ambtenaren, met de recherche en het toezigt beiast, zal moeten worden ter hand gesteld.

Art. 4o.

Niemand zal mogen laden of lossen op zondag of andere dagen, den godsdienst toegeheiligd en door het Gouvernement als ieestdagen eikend, ten zij bij noodzakelijkheid van lek-schip of andere voldoende redenen, en ook niet anders dan op schriftelijke permissie van den eersten ambtenaar in loco en onder bet opzigt der commisen, op de boete van vijf honderd guldens; doch zal de haring, door de ventjagers of eerste buizen aangebragt, als mede de versclie visch, ten allen tijde mogen gelost en wederom afgezonden worden.

Art. 4i.

Evenwel zullen alle limoenen, oranje-appelen, kastanjes, vijgen, oesters, kreeften en alle andere ligt bederfelijke waren, bij bet arrivement der schepen uit zee, ten allen tijde, ook des zondags en op andere dagen den godsdienst toegeheiligd, uit de zeeschepen in ligters of andere vaartuigen mogen worden overgezet, om die te havenen en het bedorvene van liet go/ede aftescheiden, mits dat hetzelve geschiede ten overstaan van de commisen, en dat de ligters