is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1817, 01-01-1817

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik zwere (beloye), dat ik, in het onderzoe,, keu van den ui£- en iawendigen ligchamelijkeu „toestand der vrijwilligers, opgeschrevenen en ,,plaatrervang«rs voor de nationale militie, mij ,, stip tel rjk zal gedragen naar de voorschriften der „vret op dezelve militie, en ter goeder trouwe , vzonder vriend- of vijandschap, gunst of on„ gunst, rondelijk mijn gevoelen zal openbaren, ,, of dezelve zoodanige ziekten of gebreken heb„ ben, waardoor zij tot den persoonlijken dienst „ zouden ongeschikt zijn".

,, Zoo tufiarlijk helpe ?nij God almagtig

118. De geneesheer en heelmeester, die zonder het aanvoeren van eene wettige endoor den militieraad aangenomene reden, weigerachtig is aan de oproeping van den raad te voldoen, zal telkenmale verbeuren eene boete van honderd guldens.

119. De geneesheer en heelmeester zullen alle lotelingen, zonder onderscheid, wanneer aan hun niet is toegestaan zich te doen remplaceren, en wanneer zij dus voor zich zeiven moeten dienen, gelijk merle de plaatsvervangers, naauwkeurig visiteren, ten einde te onderzoeken of zij aan eenig gebrek, ziekte of ongemak onderhevig zijn, hetwelk hen tot den dienst ongeschikt zoude maken, en van hun bevinden, aan den militieraad dadelijk, rapport doen.

I20,