is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zicli aan de overtreding dezer Wet heeft schuldig gemaakt, te competeren, dadelijk worden geeonfiskeerd, of, het schip afwezend of anderzins niet arrestabel zijnde , zoodanige schuldige vervallen in eene bot te van drie dui-.end guldens, maar zullen ook daarenboven de zoodanigen worden verklaard eerloos , en voorts, voor den tijd van vijl tot tien jaren, van het grondgebied van dit Konir.grijk en deszelfs Buitenlandsclie Bezittingen en Etablissementen gebannen worden.

XVII. Alle schippers of gezagvoerenden, onder Nederlandsche vlag uit de havens van dit Koningrijk uitvarende , of in dezelve binnen komende , zullen, bij de visitatien, ingevolge de Wet der In- en Uitgaande Regten en van de Accijnsen ter uiterste wachtte doen, verpligt zijn hunne Zeebrieven te vertoonen , zullende de Ambtenaren op de voorschreven uitex-ste wacht geene schippers mogen expedieren, dan nadat aan hen gebleken is, dat dezelve van behoorlijke Zeebrieven zijn voorzien, ten blijke waarvanzij dezelve, met bijvoeging van dagen jaarteekemng, zullen viseren; alles onverminderd de boete , bij art. , wegens het niet ligten van Zeebrieven , bepaald.

XVIII. Nederlandscbe schepen, in vreemde havens aankomende, alwaar een Consul van de'.en Staal resideert. , zal de schipper gehouden zijn, zich, binnen driemaal vier-en-twintig uren na zijne aankomst, bij den geme!den Consul te vervoegen, en aldaar zijne Zeebrieven te vertoonen en te doen viseren; zulks verzuimende , zal de schipper of gezagvoerende verbeuren eene boete van écu gulden voor elk last.