is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 355.

De specien, boven de bij dc afzonderlijke wetten bepaalde quantileit ingevoerd , door iemand, aan wien crediet is toegestaan, zal deze de keuze hebben tusschen's Rijks entrepot , en den inslag in zijn eigen pakhuis, met een credi'et voor bepaalde termijnen.

Hij zal verpligt zijn van deze keuze kennis te geven bij de aangifte tot lossing, ten einde hiervan op het consentbiljet kunne blijken.

Voor zoo ver hij den eigen inslag verkiest, zal, ten kantore van den Ontvanger, alwaar cautie gesteld is, eene rekening met de belanghebbenden worden geopend, aan welks hoofd zijne verbindtenis tot voldoening van den impost zal worden geplaatst, en hem vervolgens een bewijs worden afgegeven, op hetwelk hij den inslag kan verrigten.

Voor zoo ver de partij te groot is om in eene reis verwerkt te worden, en de plaats der bestemming ook die der lossing zij , zal de inslag successivelijk verrigt kunnen worden , mits de Ontvanger, bij het verwerken van het laatste gedeelte, in de gelegenheid gesteld Avorde, het bewijs aftegeven, dat aan de formaliteiten der wet is voldaan.

De belanghebbende zal in allen gevalle de plaats moeten epgeven, in welke de veriinposte specien worden opgeslagen.

Art. 356.

De termijnen van betaling van den verschuldigden impost zullen zich reselen naar het bedrag der geconstateerde regten.