is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het zal nogtans aan den eigenaar of aan den consignalaris van beschadigde koffij vrijstaan , liet gedelerioreerde, op den voet van art. 69 der bovengemelde Wet, voor de Regten aan den Lande af te staan, mits zulks plaats liebbe , ten gevolge van eene onmiddellijke nederlage in bet publiek entrepot, en binnen de veertien dagen na den invoer.

Art. 2 7.

De koiïij welke, overeenkomstig de bepaling van het 15e hoofdstuk van de Wet op deu ophef van de In— en Uitgaande Regten en Accijnsen, van de eene plaats van het Rijk naar de andere , over vreemd territoir, gebragt wordt, zal niet mogen worden vervoerd in eene mindere hoeveelheid, dan van 5oo Aederlandsche ponden.

T^an den aanpeil.

Art. 28.

Alle de koffij, binnen liet Rijk aanwezig, bij het pro— inulgeren dezer en behoorlijk aangegeven, is onderworpen ^an eene consumptieve belasting van f5- voor iedere honderd Nederlandsche ponden; alle niet behoorlijk aangegeven koflij zal, onverminderd dè hierna vermelde boeten en straffen, de volle consumptieve belasting van f 10 - de honderd Nederlandsche ponden moeten betalen ; alles onder de uitzonderingen in het volgende artikel voorkomende.

Wegens de koffij, welke in volle toegekuipte vaten en in balen gevonden wordt, zal gelijke tarra als op de vaji builen het Rijk ingeyoerde kollij worden gegeven.