is toegevoegd aan je favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeten zij, voor zoo veel zij niet behoore» tot de hier voren onder n° i tot 11 vermelde , geheel volgens het tarief, voor de eerste afdeeling hier voren bepaald , worden belast.

b3.) Wevers van allerlei soort.

Zich niet alleen bij het weven der stoffen bepalende, zullen zij geheel volgens het tarief, voor de eerste afdeeling hier voren vastgesteld, belast worden, ten zij zij behoorden tot de hier onder na i tot 11 van deze afdeeling vermelde.

14.) Kantfabrijkanten.

15.) Haak- en oogmakers.

16.) Vischlioekmakers.

17.) Karkassemakers.

18.) Naai- en breinaaldemakers.

19.) Speldemakers.

De naaide- en speldemakers , rullen, wegens de , bij hen gebezigde , scherp- en polijstmolens, niel afzonderlijk aangeslagen worden.

30.) Vingerhoedmakers.

W egens de molens , welke zij gebruiken, behooren zij n/W afzonderlijk belastte werden.

31.) Gespemakert,