is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En wordt bepaald, dat het patentregt voor de , onder letter a en b van deze § bedoelde , spelen of partijen alleen verschuldigd is, wanneer dezelve worden gegeven of gehouden in de gewone dans- of muzijkzalen, alsmede in de huizen, tuinen enz- van logement-, kofRjhuis-, kollegietuin en societeit houders (de sociëteiten of tuinen, onder n" 4i van tabel n° i4 vermeld, daaronder begrepen) alsmede in die van tappers, wijnhuis-houders, dans- en muzijkmeeslers.

% 3-

De ondernemers of bestuurders van openbare schouw-, tooneel-, dans-, paardenrijders-, koordedansers- springers-, marionetten- en goochelspelen; van vertooningen van natuur- en scheikundige vermakelijkheden, natuurlijke zeldzaamheden en voortbrengsels der kunst, en van alle andere dergelijke, geivinshalve gegeven wordende, vertooningen en tentoonstellingen (die van schilderijen en panorama's niet uitgezonderd) zullen, voor zoo veel dezelve geen plaats hebben in de schouwburgen, in § i van deze tabel bedoeld, worden belast, als volgt:

a- Wanneer er voor de aanschouwers z//plaatsen zijn bestemd: