is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6. Bij de betaling van den accijns, zal door den ontvanger worden afgegeven eene kwitantie, houdende den dag en datum der aangifte, het soort, de kleur en de waarde van het vee, den naam van den persoon die het veraccijns{, en het huis, de stalling of slagtplaats, alwaar het vee , volgens de opgaaf van den belanghebbenden, zal worden geslagt. ^

Tot verkrijging daarvan zal de belanghebbende de daartoe vereischte opgaaf doen aan den ontvanger, en aan denzelven tevens overgeven het door den schatier aan hem ter hand gestelde schat-biljet.

De kwitantie van betaalde accijns, zal gedurende de slagting en tot na de afhakking van het vee, bij hetzelve moeten verblijven, ten einde aan de beambten , op hunne vordering, te worden vertoond.

Het waardeer-merk zal van het vee niet mogen worden afgenomen, noch ónzigtbaar gemaakt, maar daaraan ongeschonden moeten - blijven, tot na de afhakking van het vee ; een en ander op de boete bij art. 5 vastgesteld.

Voor zoo veel echter kan blijken dat de accijns van het geslagt vee is betaald, zal het enkel gebrek der vertooning van de kwitantie op de vordering der beambten, slechts door de verbeurte eener boete van vijf guldens worden gestraft.