is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ellen boven aan Jen voornaamsten ingang der fabrijk, indien de gelegenheid van het gebouw zulks toelaat, en anders drie tot vijf ellen boven den grond, doch altijd boven aan den voornaamsten ingang, een bord te stellen, waarop met olieverw geschreven staat;

Bierbrouwerij.

Zij zullen daarenboven iedere ingang hunner fabrijken kenbaar maken, door er in maniere als boven, voor te doen stellen, het woord Bierbrouwerij.

Verzuim van een of ander, wanneer zij hetzelve binnen de acht dagen na eene deswege gedane schriftelijke waarschuwing van den ontvanger, niet herstellen, zal telkens worden gestraft met eene boete van tien guldens.

l5. De bierbrouwers, hetzij dat de bieren van de brouwte Voortkomende , ter consumtie of tot het maken van azijn bestemd zijn, zullen telkens wanneer zij voornemenszijn te brouwen, gehouden zijn daarvan aan den hiertoe gestelden ambtenaar, waaronder hunne brouwerij behoort, kennis te geven, tusschen des voormiddags ten negen uren, en des namiddaös ten drie uren, van den dag voor dien bestemd tot liet brouwen en het aanleggen van het vuur onder de ketels.

In besloten steden van meer dan vijfduizend zielen, zal de aangifte in bijzondere gevallen ook vermogen te geschieden, uiterlijk vier uren vóoi het aanleggen van het vuur onder de waterketels.