is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de zeephatsen cn zeestranden varende, die een gaffelzeil, bramzeil en topzeil gebruiken , en ten minste met vijf koppen bemand , eenmaal des jaars in diep water Ier haring varen, alsmede alle zoodanige schepen en vaartuigen , welke met vijf koppen en meerder bemand , alleen (er visscherij en geenszins tot andere einden tevens worden gebruikt.

Wij zullen bij een afzonderlijk reglement bepalen , aan welke fabrieken , trafieken , binnenlandscbe vischzouierijen en visscherijen vrijdom van den accijns zal worden toegestaan , en op welke wijze die vrijdom zal genoten worden, gelijk Wij mede bij een afzonderlijk reglement, de noodige bepalingen zullen maken, op den verkoop van ruw zout in het klein.

52. Geene gradeerhuizen zullen opgerigt mogen worden zonder Onze toestemming.

Het daarin uit te dampen zeewater, zal aan den accijns onderhevig zijn , gelijkstaande met die op het zout gelegd , en in de verhouding staande van ééri pond zes ons zout op ieder vat zeewater.

De eigenaars of directie-voerders der gradeermaehines, zullen voor den inslag van zeewater worden verantwoordelijk gesteld.

De inslag van zeewater in de gradeerhuizen , zal moeten geschieden met vaartuigen of in bakken, waarvan de ruimte in vaten bekend is, met een consent-biljet van den ontvanger, op verbeurte van honderd guldens.