is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stokers toetcstaan , om ia dezelfde gemeente afzonder-* lijke kelders of bergplaatsen van veraccijnsd binnenlandsch gedisteleerd en van gedisteleerd op doorloopund crediet te hebben; het zij door het toestaan vaa zoodanige andere faciliteiten, als noodig en geschikt zullen worden bevonden, om het belang van dan handel met de zekerheid van den accijns, op den voet en overeenkomstig de grondbeginselen der wet, evereen te brengen,

4g. Het binnenlandsch gedisteleerd , hetwelk de handelaar in het groot inogt verlangen met doorloopend crediet van den accijns inteslaan , zal voor eiken inslag nimmer minder mogen hedragen, dan de hoeveelheid van vier vaten.

5o. Geen binnenlandsch gedisteleerd zal bij door-> loopend crediet mogen worden ingeslagen, dan voorzi,ea van 4e noodige consent-biljetten, aftegeven door den ontvanger , ten wiens kantore de belanghebbende handelaar in het groot, voor de hoeveelheid, soort eu sterkte daarvan, in rekening behoort te worden aangeslagen ; zoodanig gedisteleerd zal nergens anders mogen worden opgeslagen, dan in de daartoe, op die consent-biljetten, aangewezene bergplaats.

Overtreding hiervan zal gestraft worden met eene boete van den tiendubbelen accijns , en verbeurte van het binnenlandsch gedisteleerd.