is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

221. De uitgaande schippers, voerlieden of uitvoerders , verzuimende de dokumenten van de in-, op- of bij hebbende goederen ter laatste wacht te vertoonen en over te geven, ter visitatie en intrekking, zullen verbeuren eene boete van vijf en twintig guldens, voor elk teruggehouden dokument.

222. Zoo eene aanhaling mogt zijn geschied , alleen op defekt of verschil in merken, nommers en cijfers, en dat bleek dat de aangehaalde goederen dezelfde zijn, welke zijn aangegeven, en daarin geene fraude werd bevonden, zullen zij tegen betaling der onkosten worden vrijgelaten.

)

22Ü. Bij ontdekking van overtredingen met publieke geadmitteerde postwagen?, of door postcoririers , op welke ook verbeurd-verklaring der voertuigen , eene geldboete of ccnige andere straf tegen de bedrijvers gesteld is, kan wel dadelijke aanhaling der goederen, in zoo verre daartoe termen zijn , geschieden, doch overigens de bekeuring niet worden voltrokken dan , omtrent de postwagens op de naastbijzijnde wisselplaats op het grondgebied des Rijks, of wel na volbragte reize, en ten aanzien der postcouriers nimmer anders dan na volbragte reize.

224. Eij overtreding als in art. 2o5 is gemeld, zullen de bedrijvers, die niet vallen in de termen van