is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1822, 01-01-1822

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van hiér, westwaarts, langs dsu weg tot aan Het dorp Moorseele, voorbij het gehucht van Bergen.

Van dit dorp* langs denzelfden weg, regts af van de herberg le Cigne, en dc hoeve vau Vari HeclceKerrijn door Jean-Baptiste Glorieux bewoond j, links latende, terwijl de oude korenmolen op omtrent honderd ellen afstands regts blijft, tot aan het gehilcht Keselberg, daar waar ingevolge de wet van 12 Mei 1819, artikel 107, op den weg van Meenen haar Brugge van wege de administratie een paal staat.

Van dezen paal afj dwars over den grooten weg langs gemelde weg voorbij de herberg les Cinq-Che-> 'mins, die regts blijft, tot aan den grooten linde boom, staande tegen over de hoeve van Fier re Rommers, bij het gehucht van Terhand.

Van dezen boom af, noordwaarts den afstand van ongeveer 00 ellen langs gezegde weg Yperstraele.

Voorts links links af, westwaarts, langs een voetpad gaande bezijden een stuk bouwland, aan de weide van gezegde hoeve van Rommers, welke links blijft, gl-enzende daar over hét pad komende van den zoogenaamden Raridmolen , regtstreeks naar een omheind slootje dat eene scheiding maakt, lusschen twee landerijen, en Welk pad zich met den weg van Terhand naar Gheluwe vereeuigt, hetzelve gehucht en niolea ïegts latende, verder links af Zuidwaarts langs den weg van Terhand naar Gheluwe, tot aan het voetpad, zijnde aan den hoek van het huis bijgenaamd Ratlehotlen, bewoond door den heer J. van de JVync-

E