is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1823, 01-01-1823

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voogd onmiddellijk' na die van den voogd plaats hebben , en bij eene en dezelfde acte geschieden.

55. Elk toeziend voogd, die, niet van de voogdij uitgesloten of behoorlijk verschoond zijnde , mogt in gebreke blijven zijne werkzaamheden te aanvaarden, zal, ten zijnen koste, en onverminderd zijne gehoudenis tot vergoeding van kosten, schaden, en interessen jegens den minderjarigen , door eenen anderen persoon , op de wijze bij art. 5 voorgeschreven, worden vervangen, onverlet zijn verhaal op laatstgemelden.

54. De toeziende voogd zal , alvorens zijne werkzaamheden aautevangen, in handen van den kantonsregter den eed moeten afleggen, dat hij zijnen pligt deugdelijk en getrouwelijk zal waarnemen.

55. De verpligtingen van den toezienden voogd bestaan in het waarnemen der belangen van den minderjarigen, wanneer dezelve met die van den voogd in tweestrijd zijn.

56. Hij is verpligt, op straffe van vergoeding van kosten, schaden ea interessen , te waken, dat zonder verwijl op de goederen van den voogd, ter oorzake van de voogdij, inschrijvingen worden genomen, of wel die inschrijvingen zelve te nemen.

Hij is insgelijks, en op dezelfde straffe, gehouden om den voogd ie noodzaken tot het maken van