is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1823, 01-01-1823

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

middelen, waarvan in de ïste afdeeling van dezen titel gesproken wordt, wanneer zulks te pas komt.

Zij, die ten gefolge van de provisionele in bezitstelling, of van de wettelijke bewindvoering, de vruchten en inkomsten van de goederen van den afwezenden hebben getrokken, zullen verpligt zijn , aan denzelven terug te geven de helft daarvan, wanneer liij mogt terug keeren of men tijding van den afwezenden mogt bekomen binnen de vijftien volle jaren sedert die in bezitstelling ; en liet vierde gedeelte j wanneer de terugkeering na dat tijdstip doch vóór de definitive in bezitstelling plaats heeft.

Al de vruchten en inkomsten, vóór de provisionele in bezitstelling vervallen, verbleven aan den afwezenden.

17. Indien de afwezendheid dertig jaren heeft voortgeduurd na de provisionele inbezitstelling, of nadat de in gemeenschap van goederen getrouwde echtgenoot de beheering der goederen van den afwezenden heeft op zich genomen, of wanneer er honderd volle jaren verstreken zijn , sedert de gegeboorte van den afwezenden, zullen de borgen ontslagen zijn; alle geregtigden kunnen alsdan de definitive inbezitstelling doen uitspreken, en de verdeeling der goederen van den afwezenden vor?deren.

A 5