is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1823, 01-01-1823

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ün het nadeel der stedelijke geldmiddelen , eene daad ïs geweest van zuivere administratie, waarvan de wettigheid en bestaanbaarheid door de hoogere administrative magten en in het hoogste beroep door Ons zelve behooren te worden beoordeeld ; dat het met de grondwet, met den duidelijken letter en met de bedoeling van ons bovengemeld besluit, van den fiden October 1822 (staatsblad n°. 44) en met andere deswege vastgestelde bepalingen , ten eenenmale strijdig zoude zijn om de daad of handeling van eene administralive autoriteit, of de wettigheid en bestaanbaarheid van dezelve , aan eene regterlijke beslissing te onderwerpen, en zulks te meer in het onderhavig geval, waarin het aankomt op de geldigheid of ongeldigheid van eenen last door Burgenieesteren op hunne beambten verstrekt, welke last, zoo dezelve onbillijk of onregtvaardig mogt zijn , alleen door de hoogere magt, aan welke de administrative autoriteiten, ten aanzien van dezelver administrative gedragingen , verantwoording verschuldigd zijn , kan worden ingetrokken of te niet gedaan; en waaromtrent aan de belanghebbenden te dezen den weg openblijft om zich, daar en waar het behoort, tot redres aan te melden ;

Hebben goedgevonden cn verstaan. het in den hoofde dezes omschrevene conflict te handhaven en \an Waarde te verklaren.