is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1823, 01-01-1823

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blad n°. 44), opgeworpen conflict in de aanhangige procedures voor de regtbank van eersten aanleg te Breda, tussclien Dijkgraaf en Heemraden van den polder de Heen, onder Steenbergen, ter eenre, en R. K. Biererts, weduwe van A. J. van Nieuwenhuijzen , landbouwster in gemelden polder, ter andere zijde; hebbende de fungerende Dijkgraaf van den polder de Heen, na voorafgaande schouwing djer wegen, en na de iogelauden gelast te hebben om eenige boomen, staande op de wegen van den polder, te rooijen, ten einde dezelve hier en daar te verbreeden , eenegroote partij boomen, welke voornoemde weduwe voorgaf haar eigendom te zijn, doen omhakken en openlijk verkoopen , waar tegen zij zich ecliter verzet heeft en procedures aangevangen, welke alsnog onbeslist voor bovengemelde regtbank hangende zijn;

Gezien Ons besluit van den 4deQ Juni 1822, n°. 70, waarbij Wij het door de weduwe van NicuwenJiuijzen aan Ons ingediend verzoek , om voorziening in hare bezwaren, wegens de uitroeitjing der haar 111 eigendom tocbehoorende boomen, hebben gewezen van de hand, op grond dat uit de ingewonnen berigten is gebleken dat de Dijkgraaf voornoemd 111 dezen niet i$ te werk gegaan op eigen gezag, maar wel ingevolge de bepalingen van zeker besluit van Gedeputeerde Stalen Vau Noordbraband, van 24 Juni 1817, houdende verordeningen omtrent het voeren deischouwen over gemeente-wegen , rivieren , beken en waterleidingen in die provincie ;