Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eenig artikel.

Het derde lid van artikel 3 van Ons besluit van 26 Mei 1922 (Staatsblad no. 387)» gewijzigd en aangevuld bij Onze besluiten van 5 Mei 1925 (Staatsblad no. 182), 5 Mei 1930 {Staatsblad no. 155),." APril x932 (Staatsblad no. 162), 28 Februari 1934 (Staatsblad no. 484) 10 Mei 1935 (Staatsblad no. 245), 18 Juli 1936 (Staatsblad no. 369), 28 Maart 1938 (Staatsblad no. 368) en 28 Januari 1939 (Staatsblad no. 364), waarbij is vastgesteld een progamma voor het eindexamen der gymnasia en het daarmede gelijkgestelde examen, vermeld in artikel 12 der Hooger-onderwijswet, wordt voor den duur van het jaar 1947 uitsluitend voor zoover betreft de in dat jaar te houden eindexamens der gymnasia, aangevuld als volgt:

Ingeval bijzondere omstandigheden, ter beoordeeling van den inspecteur van het gymnasiaal en het middelbaar onderwijs, die belast is met het toezicht op de school, dit wenschelijk maken, worden de opgaven voor één of meer onderdeelen van het schriftelijk gedeelte van het eindexamen van een openbaar of aangewezen bijzonder gymnasium, onder goedkeuring van Onzen Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen,voor alle candidaten of voor één of meer candidaten vastgesteld op de wijze, die voor de opgaven van het schriftelijk examen in de oude talen is voorgeschreven in de artikelen 3, 4» 5 en 6 van Ons besluit van 30 April 1906(Staatsblad n°. 101), waarbij regelen zijn vastgesteld voor de uitoefening van het toezicht van den gecommitteerde of de gecommitteerden bij de eindexamens der gymnasia met zesjarigen cursus, bedoeld in de artikelen 11 en 157 der Hooger-onderwijswet, zooals dit besluit is gewijzigd en aangevuld bij Onze besluiten van 4 September 1922 (Staatsblad no. 517) en 28 Februari 1934 (Staatsblad no. 84).

Onze Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen is belast met de uitvoering van dit besluit, hetwelk in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan den Raad van State. 's-Gravenhage, den 3den Juni 1947-

WILHELMINA. De Min. van O., K. en W., Jos. J. Gielen.

(Uitgeg. 21 Juli 1947-)

S. H 164

3 Juni 1947. BESLUIT,houdende regelen omtrent de in het jaar 1947 te houden eindexamens der hoogere burgerscholen.

Wij WILHELMINA, enz.;

Op de voordracht van Onzen Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen van 8 Maart 1947 n°. 1003 III afdeeling Voorbereidend Hooger en Middelbaar Onderwijs;

Overwegende, dat het wenschelijk is gebleken voor het schriftelijk gedeelte van de in het jaar 1947 te houden eindexamens der hoogere burgerscholen een regeling te treffen, afwijkende van die, vastgesteld in de reglementen, behoorende bij Ons besluit van 8 Juni 1929

(Staatsblad n°. 310), gewijzigd en aangevuld bij Onze besluiten van 31 Januari 1930 (Staatsblad n°. 35), 26 April 1933 (Staatsblad n°. 229), 28 Februari 1934 (Staatsblad n°. 86), 25 Mei 1934 (Staatsblad n°. 269), 28 Augustus 1934 (Staatsblad n°. 485), 18 Juli 1936 (Staatsblad n1?. 369), 31 December 1936 (Staatsblad n°. 379), 8 Juni 1939 (Staatsblad na. 365) en 10 Augustus 1939 (Staatsblad n°. 375) en Ons besluit van 22 December 1937 (Staatsblad n°. 376), gewijzigd bij Onze besluiten van 3 Mei 1938 (Staatsblad n°. 370), 8 Juni 1939 (Staatsblad n°. 366), 10 Augustus 1939 (Staatsblad n°. 375) en 13 December 1939 (Staatsblad n°. 378);

Den Raad van State gehoord (advies van 6 Mei 1947 n°. 11);

Gezien het nader rapport van Onzen voornoemden Minister van 23 Mei 1947 n°. 8259 afdeeling Voorbereidend Hooger en Middelbaar Onderwijs;

Hebben goedgevonden en verstaan:

te bepalen:

Artikel 8 van de reglementen, behoorende bij Ons besluit van 8 Juni 1929 (Staatsblad n°. 310), gewijzigd en aangevuld bij Onze besluiten van 31 Januari 1930 (Staatsblad n°. 35), 26 April 1933 (Staatsblad n°. 229), 28 Februari 1934 (Staatsblad n°. 86), 25 Mei 1934 (Staatsblad n°. 269), 28 Augustus 1934 (Staatsblad n°. 485), 18 Julf 1936 (Staatsblad n°. 369), 31 December 1936 (Staatsblad n°. 379), 8 Juni 1939 (Staatsblad n°. 365) en 10 Augustus 1939 (Staatsblad n°. 375), en Ons besluit van 22 December 1937 (Staatsblad n°. 376), gewijzigd bij Onze besluiten van 3 Mei 1938 (Staatsblad n°. 37o), 8 Juni 1939 (Staatsblad n°. 366), 10 Augustus 1939 (Staatsblad n°. 375) «n December 1939 (Staatsblad n°. 378), wordt uitsluitend voor de in het jaar 1947 te houden eindexamens der scholen, waarvoor d-e reglementen gelden, aangevuld als volgt:

Indien bijzondere omstandigheden, zlJlKS ter beoordeeling van den inspecteur, belast met het toezicht op de school, hiertoe aanleiding geven, worden, met afwijking in zoover van het in de vorige leden bepaalde, onder goedkeuring van Onzen Minister van Onuerwijs, Kunsten en Wetenschappen de opgaven voor één of meer vakken, welke het schriftelijk gedeelte van het examen omvat, voor alle of voor één of meer candidaten, uiterlijk 3 weken vóór den aanvang van het examen vastgesteld door den daarbij betrokken leeraar, onder goedkeuring achtereenvolgens van den voorzitter der examencommissie, den daarbij betrokken deskundige en den inspecteur, die met het toezicht op de school is belast.

De voorzitter der commissie zendt deze opgaven na goedkeuring zijnerzijds uiterlijk drie weken vóór den aanvang van het examen aan de betrokken deskundigen.

Indien de deskundigen de opgaven voor één of meer vakken ongeschikt achten, geven zij daarvan met vermelding van redenen zoo spoedig mogelijk kennis aan den voorzitter der commissie. De voorzitter der commissie zendt alsdan zoo spoedig mogelijk aan de(n) deskundige(n) nieuwe, door de(n) betrokken leeraar(leeraren) onder goedkeuring van den voorzitter vastgestelde opgaven.

Indien de deskundige(n) ook de nieuwe opgaven ongeschikt acht(en), stelt(stellen) hij

Sluiten