is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1948, 01-01-1948

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het Rode Kruis, de bemanningen van koopvaardij-schepen, die hoofdzakelijk voor militaire doeleinden gedwongen hebben gevaren krachtens het z.g. Vaarplichtbesluit 1942.

Nog een stap verder en men zou aan de dienst van burgerambtenaren, die werkzaam zijn bij het Ministerie van Oorlog of van Marine en uit hoofde van hun functie ook dikwijls rechtstreeks met het leger in contact komen en voor dat leger belangrijke diensten verrichten, recht op vrijstelling kunnen gaan ontlenen".

Zoals Uwer Majesteit uit de brief van de Afdeling van 30 December 1947, nr. 1507/382, zal blijken, heeft de Afdeling geen aanleidin» gevonden haar advies te herzien en blijft zij van oordeel, dat aan M. C. M. Goossens vrijstelling van de dienstplicht behoort te worden verleend.

De Afdeling voert hiertoe aan, dat zij weliswaar met mij van oordeel is, dat een aalmoezenier niet in werkelijke dienst is, doch dat dit evenmin als de omstandigheid, dat hij niet is onderworpen aan de bevelen van de militaire commandant, er allerminst iets aan afdoet, dat hij wel zeer veel met de militaire dienst heeft uit te staan.

Hij verricht immers zijn ambtelijke arbeid zo niet geheel, dan toch hoofdzakelijk onder de militairen bij leger of vloot, bevindt zich zoveel mogelijk bij de troep en deelt haar lust of leed, alsof hij er metterdaad deel van uitmaakte.

Met het oog op deze nauwe verbinding tussen de ambtelijke arbeid van de geestelijke verzorger en de militaire dienst, acht de Afdeling het rechtvaardig en billijk, deze verzorger bij de beoordeling van aanvragen om vrijstelling van de dienstplicht op één lijn te stellen met degenen, die in werkelijke dienst zijn, zoals hij ook in vele andere opzichten met de militairen op één lijn wordt geplaatst.

Wat de andere door mij bedoelde groepen betreft, merkt de Afdeling op, dat de positie van deze groepen bij de beoordeling van dit geschil niet ter zake doet en dat ook indien dit wel het geval ware, de Afdeling moeilijk haar advies zou kunnen wijzigen, daar zij van oordeel is, dat een op zichzelf billijke beslissing niet mag worden tegengehouden of teniet gedaan op de overweging, dat zij voor andere gevallen onaanvaardbare gevolgen zou hebben. "

De Afdeling geeft Uwer Majesteit dan ook in overweging een beslissing te nemen overeenkomstig het door haar aangeboden ontwerp-besluit.

De door de Afdeling aangevoerde motieven hebben geen wijziging kunnen brengen in mijn standpunt, dat de dienst van een aalmoezenier niet op een lijn kan worden gesteld met militaire dienst.