is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1948, 01-01-1948

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Smeltveiligheden moeten zodanig zijn ingericht, dat:

(a) bij een nominale stroomsterkte van de smeltpatroon van 6 tot en met 60 A voor een bepaalde stroomsterkte het door onachtzaamheid of bij vergissing inzetten van een smeltpatroon van een hogere nominale stroomsterkte niet mogelijk is;

(b) bij een nominale stroomsterkte van de smeltpatroon van minder dan 6 A het inzetten van een smeltpatroon van meer dan 6 A niet mogelijk is.

3. Het gebruik van open buis veiligheden is verboden.

4. Smeltveiligheden moeten zodanig zijn ingericht, dat het uitnemen of inzetten van de smeltpatronen kan geschieden, zonder dat daartoe blanke, onder spanning staande delen met de hand oi met gereedschap behoeven te worden aangeraakt en zonder dat gevaar bestaat om met onder spanning staande delen in aanraking te komen.

5. Het gebruik van gerepareerde smeltpatronen is verboden.

6. Op de smeltveiligheidhouders en op de smeltpatronen moeten de nominale stroomsterkte en de spanning, waarvoor zij mogen worden gebruikt, zijn aangegeven.

Artikel 27

Meet- en contröle- 1. In elke electrische installatie moeten de voor een deugdelijke toestellen bediening en contröle en voor een doelmatig gebruik nodige mee^

en contröletoestellen aanwezig zijn. Op de meetinstrumenten een rode streep zijn aangebracht, welke de hoogst toelaatbare belast), e aangeeft.

2. Ter controle van de isolatieweerstand van de electrische ins ^ latie in haar geheel, zowel als in onderdelen, moet een daartoe a schikte draagbare isolatiemeter aanwezig zijn. Dit voorschrift ïs n ^ van toepassing op die installaties, waarvan het verbruiksvermog^ minder dan 25 kW bedraagt.

3. Ter controle van het al of niet in bedrijf zijn van de generatoren van de motoren der hulp werktuigen ten dienste van de v ■ 0 stuwing of de besturing van het schip moeten op een doe m plaats signaalinrichtingen zijn aangebracht.

Artikel 28

Spanningsaan- L °m te onderzoeken of de delen van een elect"^h®JrndSetnvan

wijzers al of niet onder spanning staan, moet gebruik gemaakt v> . saafl-

daartoe geschikte voltmeters, proeflampen of andere spannwijzers.