is toegevoegd aan uw favorieten.

De berggids; tijdschrift gewijd aan alle takken van bergsport (skisport)-officieel orgaan van de Nederlandsche Alpen-Vereeniging, 1960, 1960

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alpine kroniek |

alpina

Voor de alpine tijdschriften is de komkommertijd lingetreden. Waar die voor de algemene pers in het hart van de zomer ligt, neemt de onze omstreeks het begin van de winterkoude een aanvang. Alle belangrijke beklimmingen zijn vermeld, beschreven en besproken, terwijl over de voorgenomen expedities nog weinig valt mede te delen. Het resultaat is dan ook een treurig samenraapsel geworden, waarop de term „wetenswaardigheden" nog het beste van toepassing is.

Ook in het Alpinisme kent men het bedrog, ofschoon dit nogal zelden voorkomt. In 1875 meende de Engelsman A. J. Lawson op Nieuw-Guinea een 10757 m hoge berg beklommen te hebben de Alpine Journal kreeg als eerste argwaan —■, terwijl in 1904 de Peruaanse regering aan de Amerikaanse Miss A. Peck een onderscheiding verleende voor het beklimmen van een meer dan 8000 m hoge berg in de Andes. Een waarschijnlijk in onbeschaamdheid nooit meer te overtreffen bedrog vond niet lang geleden plaats toen een Duitser her en der vertelde samen met Herman Buhl de noordwand van de .Matterhorn beklommen te hebben. De arme Buhl wist echter van niets!

Ook de afgelopen zomer kent zijn omstreden beklimming: de 15de van de noordwand van de Eiger, door twee Zwitsers, H. Grünleitner en R. Stieger. Is de tijd van 21Vi uur voor de beklimming al een wat onwaarschijnlijke, hun bewering, dat de tocht vanaf het hoogste ijsveld ■—die Spinne in de duisternis en met behulp van voorhoofdslampen geschied zou zijn, doet ernstig twijfel rijzen. Een volmaakt wantrouwen ontstaat echter bij het bezien van hun foto’s. Zowel op de foto, die onder in de wand werd gemaakt, alswel op die, welke dicht onder de top werd genomen, draagt één van hen een smetteloos witte broek. Zelfs de grootste ijdeltuit zou het op een tochtje door deze wand niet lukken om zijn broek 21Y2 uur lang wit en rein

te houden. De foto van een beijzelde overhang, die onmiskenbaar aan de voet van een gletsjer is opgenomen, vermag het ook enige twijfel te verwekken omtrent de waarheidszin van deze twee alpinisten. Tenslotte moet de auteur van de foto in de Hinterstoisser-traverse ongeveer 8 meter buiten de wand hebben gezweefd om het mogelijk te maken zo’n aanzicht op de gevoelige plaat vast te leggen.

Het meest verbazingwekkende in deze geschiedenis is wel de onnozelheid waarmee de beide vervalsers aan het werk zijn gegaan, daar het hier toch recidivisten betreft, want ook de noordwanden van Badile en Grandes Jorasses hebben zich eerder in hun bedriegelijke belangstelling mogen verheugen!

Expedities 1960

Als belangrijkste Himalaya-onderneming in 1960 mag ongetwijfeld de Zwitserse Dhaulagiriexpeditie worden genoemd. Zij zal onder leiding staan van Max Eiselin en de noordoostgraat als route gebruiken. Dit is, zoals reeds eerder werd vermeld, de Oostenrijkse route van bet vorig jaar. Het hoogste daarop bereikte punt lag op ongeveer 7800 m. De beruchte 700 m hoge ijshelling tussen de kampen 111 en IV is dan ook reeds voor-