is toegevoegd aan uw favorieten.

De bergvriend; alpinistisch tijdschrift-tweemaandelijks orgaan Sektion Holland van de "Oesterreichischer Alpenverein", jrg 9, 1960, no 6, 1960

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spleten van de Grenzgletscher tot de grootste, die ik gezien heb, thans waren ze nauwelijks zichtbaar. Dit neerslagrijke jaar heeft echter meer na- dan voordelen; zo bleek een aantal hoge bergen veel moeilijker beklimbaar. De Binerplatte op de Zinal Rothorn b.v. bleek penibel te zijn (~Radfahren” noemt onze Oostenrijkse gids zoiets!), maar nog doenlijk. De traversering van de Lyskamm, waar we ons zo veel van hadden voorgesteld en waarvoor onze gids zich gewapend heeft met een paar gloednieuwe ijshaken, moest op het verlanglijstje blijven staan, ook al was hij het hoofddoel van onze hernieuwde aanval op de Monte Rosa. Piero Pecco, de gardien van de Margheritahut op de Signalkuppe (4559 m) wees met klem elke aanval op de Lyskamm af en vervolgens naar zijn klompen, die voor het fornuis stonden. „Op deze klompen”, aldus onze beminnelijke gastheer, ~kon je vorig jaar de Lyskamm doen.” In het huidige jaar was tot op heden (4e week van juli) nog niemand daar boven geweest. Dit gesprek werd ’s morgens om half vijf gevoerd in het Italiaans, Frans en Duits, onderstreept met hand- en voetgebaren.

Half vijf! Het tijdstip van een kleurrijke zonsopkomst boven de Bernina, gezien vanaf Europa’s hoogste balkon, de Capanna Regina Margherita. Maar de Monte Rosa glimlachte niet; ze trok al sinds onze aankomst een ijzig gezicht. De oostwand zat weer potdicht, de westflank, de noordhelling en de zuidgraat, ze zaten allemaal dicht en we waren opgesloten in de intimiteit van onze hut en lieten ons verwarmen door een liter wijn, onze soep, spaghetti en de spiegeleieren met ham, terwijl het buiten 10° C vroor en de ijzel zich afzette op mijn camera, zodra ik toch de moed had naar buiten te gaan.

Dr. Julius Kugy overdrijft met zijn „göttlichen Lacheln”, vind ik. Maar er is vooruitgang te bespeuren. Heeft zij ons eerst van de Dufourspitze weggejaagd en ons later de toegang tot de Lyskamm ontzegd, op de Signalkuppe duldt ze ons. Haar duivels grijnzen is een ijzig stilzwijgen geworden. Een etmaal lang heeft zij reeds haar wolkenmantel aan en dat doet ons verdriet. Er flitst een na-oorlogs amusementswoord door mijn hoofd: striptease. En waarom ook niet hier op ruim 4500 m hoogte, als de dame van steen en ijs is? Deze dame, die Rosa wordt genoemd, is zelf brutaal genoeg om te weten, dat ze poedelnaakt op haar mooist is. En wie mooi is, lacht er bij. Dan is het ook te begrijpen, dat een Achile Ratti vanuit Macugnaga tegen haar oostwand als eerste bij het Grenzsattel omhoog komt, want deze latere Paus Pius XI is eveneens in de ban van de goddelijke glimlach en trotseert er lawines, steenslag en twee bivaks voor!

Voordat ze ons in haar schoonheid liet delen, haalde miss Rosa nog een stunt uit, bedacht door een Italiaans journalist; een onwaardige publicity-stunt. Op dezelfde dag, dat we boven waren, stond op de voorpagina van het in mijn woonplaats verschijnende dagblad het volgende artikel.

„Bergexpeclitie als nooit tevoren.

MONTE ROSA BESTEGEN DOOR 129 VROUWEN

Milaan. Dinsdag zijn te Milaan ruim 100 vrouwen gestart voor een beklimming van de Monte Rosa. Ze zijn afkomstig uit drie Alpenlanden. Deze zonder precedent zijnde expeditie, officieel genoemd ~Honderd vrouwen op de Monte Rosa", omvat in feite 129 vrouwen, daar het aantal inschrijvingen hoger uitviel, dan was verwacht. De massale klimpartij wordt gehouden ter herdenking van de Franse alpiniste Claude Kogan en haar Belgische vriendin Claudine van der Stratten, die vorig jaar op de 8.150 meter hoge Tsjo-Ojo in het Himalaja-gebergte omkwamen.

De 129, die de Monte Rosa gaan attaqueren, zijn allen ervaren klimsters uit Italië, Oostenrijk en Zwitserland. Zij hebben met schriftelijke bewijzen moeten staven, dat zij de 4559 meter hoge berg aankunnen.

De expeditie staat onder leiding van de Italiaanse alpinist en journalist Fulvio Campiotti, de enige man van het gezelschap. Dé jongste leden van het gezelschap zijn de Italiaanse zusjes Marta en Nunzia Campi, 16 en 15 jaar. Er is ook een grootmoeder bij, de 47-jarige Assunta Ballossi Martuori. .

„Campiotti zei. Jat het doe! van deze expeditie is te bewijzen, dat de theorie, dat alleen mantien goede alpinisten zijn, dwaasheid is.”

Pierro Pecco, die de dames enige uren onderdak moest verschaffen,*) was weinig met deze kermis ingenomen. De niet-Italiaanse genodigden hadden bedankt voor de eer. Zijn landgenoten konden er niet onderuit. Enfin: de beide Claudines rusten in vrede.

Zelf weten we, dat de gemiddelde vrouwelijke alpine-tourist geen Campiotti van node heeft om te bewijzen, dat zij haar mannetje staat, zo niet beter is, dan menig mannelijk collega. Bovendien is de Signalkuppe (de Italianen noemen hem Punta Gnifetti, wat in

1) hoe, is mij een raadsel; de refter en de keuken zijn ieder naar schatting hoogstens 3X5 meter!

Op naar de Dufour spUze