is toegevoegd aan uw favorieten.

De Nederlandsch-Duitsche Kultuurgemeenschap = Die Niederländisch-Deutsche Kulturgemeinschaft; orgaan der Nederlandsch-Duitsche Kultuurgemeenschap, 1944, 1944

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IBaanhrehers derHederlandsche Schilderkunst

Hiibert en Jan van Eyck

door A. V. d. Toorn

De vrouw van den kunstenaar / Museum Brugge

Alvorens de beteekenis en het werk van de gebroeders van Eyck te schetsen, wiL len we eerst de maatschappelijke toestanden bes kijken, die op de schilderkunst van de 15e eeuw hun stempel hebben gedrukt. Toen in het begin van deze eeuw, na de talrijke feodale oorlogen, de rust in het Vlaamsche land terugkeerde en handel en nijverheid door den stagen arbeid der nijvere burgers tot hooge ontwikkeling kwamen, bloeide in Vlaanderen een nieuwe, eigen schilderkunst op, die het begin zou worden van de groote schilders kunst der Nederlanden, de waardige tegenhanger der Italiaansche. De gilden groeiden uit tot machs tige sociale instellingen, die veel bijdroegen om den glans der steden vooral van Gent en van Brugge te verhoogen.

Voor de reusachtige kathedralen verlangde de trotsche en royale burgerij een fraaiere en meer aanschouwelijke altaarversiering. Kunstenaars kre* gen het druk om de vele bestellingen der rijke burgers, edelen en vorsten uit te voeren. Nog nooit te voren was welvaart tot zoo’n hoog peil ge* stegen.

Behalve op boekversiering legden de schilders zich ook toe op het schilderen van huiss en reis« altaren, die men op reis meenam om zijn gods* dienstige plichten nauwgezetter té kunnen nakos men, zooals tegenwoordig de geloovige Mohammed daan zijn bidmatje meeneemt.

Vele van die toenmalige kunstvoortbrengselen doen ons heden eenigszins vreemd aan: de ouder* wetsche, stijve kleederdrachten, de ietwat houte* rige houding der afzonderlijke figuren, het gebrek aan duidelijkheid en overzichtelijkheid bij de groe* peering van het tooneel, de bonte verscheidenheid, het teveel, dat de ouden wilden bieden. Maar wat ons steeds opnieuw treft, is het heerlijke coloriet, de evenwichtige, harmonische zin voor volle, stra* lende kleuren, de eenvoud en de verfijnde tech* niek. Van grooten invloed was de uitvinding van de olieverf door de gebroeders van Eyck, waardoor de zacht*ineensmeltende tonen waren te bereiken, die de Vlaamsehe meesterwerken tot kostbare juweelen maakten.

Wie waren nu Hubert cn Jan van Eyck? Veel is er over hen geschreven, veel hebben kunstken*