is toegevoegd aan uw favorieten.

Opvoeding in volkschen geest; maandblad van het Opvoedersgilde, jrg 2, 1942, no 27, 1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

steuningsfonds besloot haar een periodieke ondersteuning te verleenen, waardoor deze heroepsgenoote de gelegenheid kreeg in haar levensonderhoud te voorzien, en bovendien in staat werd gesteld haar oude moeder te verzorgen. Tot eind 124.2 bleef zij werkloos de ondersteuning ontvangen. Op advies van de afdeeling voor Geldelijken Bijstand van het A.V.L. O.N. werd zij door den Nederlandschen Volksdienst onderzocht en na dit onderzoek werd vastgesteld, dat zij zeer zeker tot het verrichten van werkzaamhéden in- staat moest worden geacht, doch dat het haar niet gemakkelijk zou vallen om nu, nadat zij 25 jaren ondersteuning had genoten en niet had gewerkt, een passenden werkkring te verkrijgen. De afdeeling voor Geldelijken Bijstand van het A.V.L.O.N. slaagde er echter in haar een passende kantoorbetrekking te bezorgen. Sinds eenigen tijd is zij aan den slag, het werk vlot goed en zoo werd ook in dit geval— er zijn tal van andere bewezen, dat arbeid verheft, terwijl het salaris belangrijk hooger is geworden dan de ondersteuning, welke zij ontving.

Het Weezenfonds heeft zijn zegenrijken arbeid eveneens kunnen voortzetten. Dit fonds stelt zich tot taak, kinderen van vroegtijdig heengegane beroepsgenooten toch de opleiding te doen volgen, welke de ouders zich ten doel hadden gesteld. Het bestuur dezer instelling bleek bereid om zijn taak te bUjven vervullen, zoodat de aan zijn hoede toevertrouwde weezen geen enkel nadeel ondervonden.

Het T.8.C.-fonds keerde sinds ii Maart igps een bedrag van f 1200.— uit aan beroepsgenooten, die wegens T.8.C.-aandoeningen ih Sanatoria moesten worden opgenomen.

Ook het Crisisfonds stelde in de afgeloopen maanden beroepsgenooten, zonder vaste aanstelling in staat de vereischte studie te volgen.

Nu de fondsen der genoemde instellingen in de afdeelingen voor Rechtskundigen Bijstand, Vorming, Geldelijken Bijstand en Ziekteverzekering van het A.V.L.O.N. zullen worden opgenomen, wordt de aandacht gevestigd op de wijze, waarop deze fondsen in den vervolge in stand gehouden zullen worden. De jaarlijksche bijdragen van het A.V.L.O.N. worden over de vier genoemde afdeelingen van het A.V.L. O.N. verdeeld. Men betaalt dus de jaarlijksche bijdrage voor het A.V.L.O.N. en deze bijdragen komen alle afdeelingen ten goede. Hierdoor zul het niet meer noodig zijn om den boer op te gaan om geld voor hen, die zulks toch buiten eigen schuld van noode hebben. Bij de oude vakorganisaties, bijvoorbeeld bij het N.0.G., was het zoo, dat de contributies voor de organisatie zelve werden geïnd; een zeker percentage der contributies kwam dan ten goede aan de afdeelingen der vakvereeniging, terwijl de groote bedragen ten bate van de kas van het Hoofdbestuur kwamen. De neven-instellingen, bijvoorbeeld bij het N.0.G.: het Ondersteuningsfonds, het Weezenfonds, het T.B.C.- en het Crisisfonds, werden genoodzaakt door middel van steun-acties een zeker aantal vrijwillige contribuanten te maken, terwijl het verstrekken van giften veelal door steunacties werd ge-

stimuleerd. Teneinde de inkomsten van deze-instellingen zeker te stellen, was men gedwongen om in stad en land medelijden te wekken voor de in behoeftige omstandigheden verkeerende beroepsgenooten. Voor de leden van de vakorganisatie zelve had deze regeling het nadeel, dat hun geldelijke verplichtingen aan de vakorganisatie aanmerkelijk werden verhoogd, door de donaties aam de neven-instellingen. Menigeen was niet in staat deze alle te steunen, afgezien van het feit, dat het A.V.L.O.N. aan dezen toestand een einde maakt, dient men ook te beseffen, dat degenen, die bij het A.V.L.O.N. aangesloten zijn, rechten kunnen doen gelden op de afdeelingen en Geldelijken Bijstand van het A.V.L.O.N. en zoodoende tegen alle gebeurlijkheden verzekerd te zijn. Het woord liefdadigheid kan een gunstigen klank hebben, maar ook het tegenovergestelde kan het geval zijn. Welnu, liefdadigheid wordt bij het A.V.L.O.N. niet gepleegd. Men heeft daar de,rechten en dus alle plichten, welke den leden worden gesteld. Het A.V.L.O.N. streeft er metterdaad naar een zelfstandige gemeenschap van opvoeders in ons volk te vormen, daar de leden de lasten van en voor elkaar dragen. Het zal een ieder duidelijk zijn, dat de doelstellingen van het A.V.L.O.N. de voorkeur verdienen boven de doelstellingen der oude vakorganisaties. Willen deze doelstellingen echter voor uitvoering vatbaar zijn, dan moet het ledental zoo hoog mogelijk worden opgevoerd. Dit is zonder twijfel mogelijk. De doelstellingen verdienen de warme belangstelling van alle beroepsgenooten; de jaarlijksche bijdrage is uiterst laag gesteld en bedraagt een half procent van de jaarwedde, terwijl de oude vakorganisaties een hoogere contributie stelden, en daarnaast de neven-instellingen nog moesten worden gesteund. Het A.V.L.O.N. is dan ook geen vakorganisatie in dien zin, dat de materieele belangen van de leden door organisaties buiten het A.V.L.O.N. moeten worden behartigd, doch deze belangen worden door het A.V.L.O.N. even goed gediend als de belangen, waarvoor de oude vakorganisaties zich inspanden.

Daar de Commissie van Beheer van het Herstellingsoord voor onderwijzers te Lunteren was samengesteld uit leden van het Nederlandsch Onderwijzers Genootschap en van den Bond van Nederlandsche Onderwijzers, trad onze kameraad W. Terpstra als zevende lid tot deze Commissie toe. Deze door Prof. Dr. R. van Genechten genomen beslissing brengt den wil tot werkelijke samenwerking met alle Nederlandsche beroepsgenooten tot uiting. De Commissie van Beheer van het Herstellingsoord voor Onderwijzers te Lunteren werkt ongestoord verder tot heil der beroepsgenooten, die in Lunteren genezing vinden.

Beroepsgenooten, steunt de doelstellingen van het A.V.L.O.N. en werkt mede aan de vorming van een zelfstandige gemeenschap van opvoeders in ons volk !

A. LAPPERRE.

Het A.V.L.O.N. is gevestigd te ’s-Gravenhage, Koningin Mariastraat 24. Tel. y 22548. Giro 4523y0.