is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift van den Nederlandschen Werkloosheids-Raad, jrg 1, 1918, 1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het Centraal Bureau worden geregeld geraadpleegd en eijn voor een goed werken van het bureau, dan ook van hooge waarde. Het is derhalve te wenschen, dat ook in den vervolge het wonen in hetzelfde gebouw kan worden bestendigd.

WerkzMinhedoM Tan ktt Borean.

Door wisseling in het directeurschap en het zeer langzaam binnenkomen der uitgezonden vragenlijsten, kon het gebruikelijke rapport over de werkverschaffingen in ons land, over de periode 1 April 1916 tot 31 Maart 1917, niet meer in het verslagjaar verschijnen. In het Januarinummer 1918 van het Tijdschrift van den Nederlandschen WerMoosheids-Raad kon het rapport echter reeds worden opgenomen. De samenstelling van dit rapport kwam grootendeels overeen met die der vroeger verschenen rapporten.

In het voorgenoemde Tijdschrift kon weder geregeld maandelijks in een vaste rubriek het meest belangrijke op het gebied der werkverschaffing worden medegedeeld.

Begin Augustus werd tot een 70 tal gemeentebesturen het verzoek gericht over te gaan tot de instelling van een commissie wier taak het zou zijn na te gaan op welke wijze bij voorkomende werkloosheid, de werkgelegenheid kon worden verruimd, o.m. door het reeds tijdig gereed maken van de noodige plannen vóór werkverschaffing. In dit verzoek (hetwelk uitvoerig is toegelicht in het Tijdschrift van de Nat. Vereeniging tegen de Werkloosheid Jaargang 1917 bldz. 506) werd ook aangegeven hoe de samenstelling van een dergelijke commissie naar onze meening behoorde te zijn. Alhoewel het aanvankelijk scheen dat deze oproep niet veel succes zou hebben, gingen verschillende gemeenten nadat het adres mondeling was toegelicht, tot de instelling over. Deze gemeenten zijn : Dordrecht, Sneek, Leeuwarden, Zaandam, Leiden, Hengelo, Almelo en Hilversum Op verzoek van de betrokken gemeentebesturen, was de directeur bij de installatie der commissie’s te Dordrecht en Sneek aanwezig om het doel en de werkwijze nader uiteen te zetten. In verschillende andere gemeenten wordt de oprichting eener dergelijke commissie overwogen, of is aan Burgemeester en Wethouders machtiging verleend, indien de tijdsomstandigheden dit noodig maken, er toe over te gaan. Te Hilversum (zijn woonplaats) heeft de directeur in de commissie zitting verkregen. |

Alhoewel de hoofdstad tot tweemaal toe het desbetreffende adres van den Bond ter visie legde van de leden van haar raad, bestaat er toch nog kans dat de zaak weder aan de orde komt.

Daar de denkbeelden ten opzichte van werkverschaffing zich in alle kringen steeds meer wijzigen in den geest zooals zij door den Bond van zijn oprichting af zijn voorgestaan, werd in November de gastvrijheid der pers ingeroepen om in een kort artikel op dit verschijnsel te wijzen en er hij de belanghebbenden

1) In 1918 stelden ook de gemeenten Utrecht en Delft een commissie in.