is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift van den Nederlandschen Werkloosheids-Raad, jrg 1, 1918, 1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

arbeidsbeurs der Maatschappij, welk afdeelingsbestuur in genoemd Comité zitting had en met diens denkbeelden volkomen accoord ging, aftrad, zoodat de jongste en niet meest florissante telg der Maatschappij weer onder directe leiding van het Hoofdbestuur kwam. Onderwijl was de instelling verplaatst van den N. Z. Voorburgwal naar Singel 97.

Evenwel was de verwijdering tusschen Comité en Bestuur der Maatschappij maar tijdelijk. Ee gemeente, die geen twee arbeidsbeurzen als concurreerende instellingen naast elkaar wilde doen verrijzen, bracht het Comité er toe, samenwerkig met de Maatschappij voor den Werkenden Stand te blijven zoeken. Er werd toen door samenspreking alsnog overeenstemming verkregen op de volgende grondslagen.

Ee nieuwe beurs blijft afdeeling der Maatschappij voor den werkenden Stand. Het Bestuur zal bestaan uit een gelijk aantal werkgevers en werklieden en een voorzitter, die niet tot een van beide categorieën behoort. Ee Statuten worden door het Hoofdbestuur goedgekeurd. Ee Afdeelingsbestuurders worden op voordracht van het afdeelingsbestuur door het Hoofdbestuur benoemd. Voor de eerste maal werden als bestuur benoemd de heeren : L. Ketjen, W. Spakleb, J. F. Staal, P. J. Janssen en Th. Ligthart als werkgevers, de heeren G. A. Aalderink P. B. Kok, R. Mulder, A. N. Beekman, A. N. BERTRAMen A. J. V. D. Hurk als arbeiders, terwijl als voorzitter benoemd werd de Heer L. Serrurier, lid van den Gemeenteraad. (Op 3 Februari 1903 zag deze laatste zich door drukke bezigheden genoodzaakt te bedanken en werd in zijn plaats benoemd de Heer C.V. Gerritsen).

Tegenover de concessie van het Comité om de instelling als een afdeeling der Maatschappij te blijven beschouwen,verplichtte de Maatschappij zich tot een vaste jaarlijksche subsidie van f5OO.

Ee bemiddeling zal kosteloos voor beide partijen geschieden.

Op deze basis werd de Vereeniging „de Centrale Arbeidsbeurs” opgericht en kon goedkeuring op haar statuten verkregen worden.

Ook van de gemeente was nu door het Comité om tegemoetkoming verzocht, welke verkregen werd in den vorm van beschikbaarstelling van twee kantoorlokalen met de noodige telefoonaansluitingen. Onmiddellijk werden door het Bestuur alle maatregelen getroffen om de nieuwe beurs zoo spoedig mogelijkin werking te doen treden. Ee Eirecteur, de heer S. Boom, had den nieuwen gang van zaken niet afgewacht, doch tegen mgang van 1 Mei 1898 ontslag gevraagd. In zijn plaats werd benoemd het medebestuurslid, van werknemers zijde, de heer G. A. Aalderink, in wiens plaats als bestuurslid werd benoemd J. H. Verseef.

Maandag 2 Mei 1898 werden de deuren der Centrale Arbeidsbeurs geopend.

Een oproep aan personen en organisaties om als lid der vereeniging toe te treden had slechts een matig succes.Ee vereeniging