is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift van den Nederlandschen Werkloosheids-Raad, jrg 2, 1919, 1919

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tengevolge is het onteigeningsplan beperkt tot eene gezamenlijke oppervlakte van ± 148 H. A.

in overeenstemming met het desbetreffende advies van den Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel meent ondergeteekende mitsdien, dat er alleszins termen bestaan, om tot de beoogde onteigening mede te werken.”

M. DE Ve.

Mlgrafle.

Palestina. Emigratie uit Buitschland naar Palestina. Volgens een bericht in de bladen worden ook in Duitschland reeds maatregelen getroffen voor een eventueel te verwachten emigratie naar Palestina.

Bg Frankfort a/d. M. is een groote tuinbouwinrichting geopend om Joodsche meisjes op te leiden voor den tuinbouw in Palestina.

Canada. Verscherping der immigratiehepalingen. Volgens mededeelingen in de Amerikaansche en Canadeesche pers is door den Canadeeschen Minister van „Immigratie en Kolonisatie” een nieuwe immigratiewet in het Canadeesche Lagerhuis ingediend.

Indien het wetsvoorstel door de Canadeesche volksvertegenwoordiging wordt aangenomen, hetgeen ons zeer waarschijnlgk toeschijnt, zal het mogelijk zgn vroeger in Canada toegelaten immigranten, wier verder verblijf daar te lande „ongewenscht” wordt geacht, weer het land uit te zetten. Waar zulks volgens de thans geldende bepalingen binnen een tgdvak van drie jaar geschieden kan, stelt de nieuwe wet daarvoor vgf jaar. Onder de in de toekomst „ongewenschte” landverhuizers zullen gerekend worden, „chronisch drankzuchtigen” en zij die lichamelgk of geestelijk ongeschikt zijn om in hun onderhoud te voorzien.

De nieuwkomers zullen evenals dat sedert kort in de Ver. Staten het geval is, aan een leeseiamen worden onderworpen en analphabeten zullen niet worden toegelaten. De vrees voor ongewenschte politieke elementen doet zich in Canada eveneens gevoelen er zijn daarom ook in het wetsvoorstel bepalingen vastgelegd, die het buitensluiten mogelijk maken van hen die de wijziging der maatschappelijke of politieke orde door middel van geweld in praktijk brengen of leeren.

Vreemdelingen, die gedurende de oorlogsjaren in Canada of in de landen die de bondgenooten van Canada waren, geïnterneerd waren of uit de bedoelde landen werden uitgewezen, zullen in het vervolg eveneens van toelating in Britsch-Noord-Amei’ika buitengesloten zijn.

Een der bepalingen in het wetsvoorstel, die in het belang geacht kunnen worden zoowel van de landverhuizers als van de vervoerondernemers is, dat het ook vroeger vereischte genees-

25