is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift van den Nederlandschen Werkloosheids-Raad, jrg 2, 1919, 1919

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden. Wij meenen op grond van de daarover in de Centrale Commissie met de organisaties gehouden besprekingen en van de ervaring, die de afgeloopen maanden reeds hebben opgeleverd, er op te kunnen rekenen, dat de werklieden dit begrijpen en er zich naar gedragen. Mocht dit op den duur onverhoopt toch niet het geval blijken te zijn, dan kan de reserve niet blijven bestaan en zullen wij niet schromen, U een voorstel tot haar te doen.”|

*Het beheer dier reserve ie opgedragen aan den directeur der Gemeentearbeidsbeurs, die zijn taak in geregelde samenwerking met de directies der dienstvakken z_al_ moeten verrichten.

Het tot stand komen van soortgelijke regelingen voor combinaties van bedrijven behoeft zeker niet beperkt te blijven tot gesocialiseerde bedrijven of tot „georganiseerde bedrijven , die min of meer het karakter van gemeenschapsorganen zuUen verworven hebben. Reeds in het kader van de tegenwoordig gebruikelijke overeenkomst tusschen de organisaties van werkgevers en werknemers is er plaats voor eene, hetzij dan minder af doende regeling dezer materie. Eene aanmerkelijke beperking der werkloosheid zou van doortastend optreden in die richting het resultaat kunnen zijn.

D( bouwnijverheid als georganiseerd bedrijf.

Onder de bedrijven, die werken voor plaatselijke of natwnale markt, neemt het bouwbedrijf een voorname plaats in. Het is tevens een bedrijf, waarin werkloosheid almede het veelvuldigst voorkomt. De hoeveelheid arbeidskracht, welke jaar in jaar uit in dit bedrijf nutteloos teloor gaat, is ontzettend groot. Men bedenke wel dat de werklooze bouwvakarbeider, die zgn inkomen moet derven of aangewezen is op de werkloosheidsuitkeering, in verband met de gebruiken in het bedrijf, allerminst vrij over zijn tijd kan beschikken. Hij moet er telkens en telkens weer op uit, om elke kans om aan den slag te komen waar te nemen. |

Volgens den Staat betreffende de werkloosheid in de bij het N. V. V. aanipsloten Bonden was op 1 Maart 1919 de toestana in de aamJoten bouwvakorganisaties als volgt :

Bovendien waren er van de 23775 leden 1250 onder de wapenen

aantal daaryan waren leden -werkloos Centrale Bond van Bouwvakarbeiders Alg. Ned. Grondwerkersbond Ned. Schildersgezellenbond Alg. Ned. Stucadoorsbond Alg. Ned. Timmerliedenbond Totaal 6486 1098 4630 1395 10166 2535 78 1341 305 1715 23775 5974