is toegevoegd aan uw favorieten.

Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, jrg 6, 1880, 1880

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoort alreê de wanden kraken En de baren feller slaan.

En de bloeden d’ angstkreet slaken: „Heer, behoed ons — wij vergaan !

2

Maar, Goddank! moog d’ afgrond gapen Petrus houdt de roerpen vast. Moog Mariaas Zoon ook slapen, Ziet, Zijn Kruis praalt in den mast! Zwarter dreigen wolkendrommen.

Fel doorkliefd van sulfergloed, En de woeste donders grommen ; Maar ’t gevaar staalt Petrus moed.

8

Moeder G-ods en Bruid des Heeren! Hoor ons smeeken, warm en luid; Moog Uw beê het noodweer keeren.

Spreek’ Hij weldra ’t machtwoord uit: „Ik gebied U, storm en, baren, „Zwijgt; zijt stil, gij woeste zee; „Laat mijn Arke veilig varen, „Ik, uw Schepper, ken de reê.” Deventer. J. Poelhekke.

AAN DE BEDROEFDE WEDUWE

VAN DEN

H'apoleoa lll,j

bij den treurigen Dood van haar eenigen Zoon.

Ik zing een lied van smarte. Een lied van diepen rouw;