is toegevoegd aan uw favorieten.

Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, jrg 7, 1881, 1881

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vinden. De Eoermondsche dames en vrouwen munten uit in godsvrucht en deugdelijken wandel. ’b Mans voorname zorg is te werken voor het gezin en dit geschiedt met lofwaardigen ijver, door velen met drie, vierdubbele krachtsinspanning: zij oefenen hun bedrijf uit, bewerken daarenboven een stuk land om eigen koren, aardappelen en groenten te hebben, verven zelven hun huis, doen er de noodige herstelling aan, branden hun eigen koffie en maken hun eigen brood.

VII.

Nog enkele bijzonderheden om Roermond te doen kennen. Voortdurend blijft hier de waarheid gehuldigd, dat warmte verslapt en weekelijk maakt. De kleintjes worden hier niet ingebakerd, maar los met een doek omwonden. Een enkel mutsje is genoeg om het hoofd te dekken. Vuurmanden om de kleeren uit te dampen en te verwarmen zijn hier niet ingebruik. Zoo worden de kinderen ook bij toenemenden leeftijd door een lichte kleeding gehard tegen koude en ongemak ; tot zelfs in het guurste van den winter ziet men jongens blootshoofds langs den weg gaan, zonder dat zij er hinder van hebben. Water en bier zijn hier de hoófddranken. Thee wordt goed geacht voor de zieken, en die drinken ze dan lauw warm, want nadat het water is opgegoten (men zegt hier opgeschud), ziet de pot geen vuur meer; het gaat evenzoo met de koffie, die bij het ontbijt en ’s middags om vier uur gedronken wordt. Theestoven en vuurtesten zijn nu ook geen behoeften. Krachtig groeit de jeugd op en ontwikkelt zich tot een gespierd man, tot een. bloedrijke vrouw, die er niet aan denkt des winters, zelfs niet bij barre koude, zich de voeten te warmen: stoven zoekt men hier trouwens te vergeefs. Water- en vuurneringen zijn er nooit geweest.

Het zal nu geen verwondering baren, dat alles wat de ziekelijke philantropie van onzen tijd in het leven roept, hier geen wortel schiet. Het lot van den hond,