is toegevoegd aan uw favorieten.

Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, jrg 8, 1882, 1882

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de oude arabische vertaling van Londen met „opdragen en offeren, jisbah we jukarrab” vertaalt, die van Beyroet echter met „jukarrab li ismi bachuer, men zal in mijnen naam reukwerk offeren.”

Wil in het vervolg een Katholiek in Syrië, zooals weleer de H. Justinus in de eerste eeuw, de Katholieke leer over het heilig Misoffer door de voorzegging van den profeet Malachias betoogen, dan is de eerste de beste protestant tegen hem in het voordeel. Koen zal deze zich op de nieuwe arabische vertaling beroepen en den Katholiek uitdagen, dat hij hem de Katholieke leer in de heilige Schrift aanwijze. En hoe zal een eenvoudig Katholiek hier te lande zich uit de moeilijkheden redden, welke de protestant tegen hem uit deze nieuwe vertaling opdelft, zoo men hem de vervalsching, hier in den heiligen tekst ingevoerd, niet duidelijk maakt.

Maar is het dan ook geheel zeker, dat elk der twee woorden toja en TJpa de beteekenis hebben van eigenlijk offeren, en wordt met name hec laatste ook niet voor het opdragen van een bloot reukoffer gebezigd ?

G-eheel zeker heeft het eerste woord als behoorende tot het werkwoord -xy. de beteekenis „het altaar naderen”, en dus ook „offeren”, zooals Gesenius en Türst verklaren.

Ten opzichte van het tweede, dat van het werkwoord *>ap is afgeleid geven wij toe, dat het ook voor het brengen van reukwerk gebruikt wordt; maar wij loochenen ook tevens beslist, dat het alleen deze beteekenis heeft, en dat het ook niet, vooral in den Hophal, eene ware eigenlijke offerverrichting beteekent. De philologische beteekenis des woords, en het taaleigen der H.