is toegevoegd aan uw favorieten.

Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, jrg 10, 1884, 1884

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Protestantsche schrijvers volgen, doch op uitgebreider schaal, dezelfde krijgskunst als de Katholieke. Zij geven, ten eerste de schuld van domheid en Aflaathandel aan de Katholieke Kerk zelve. Ten tweede, beschuldigen zij slechts eenige leden der Kerk van domheid. Ten derde beschuldigen zij Tetzel alleen van Aflaatmisbruik. Onder de slechten zijn de laatsten nog de besten. Hier trekken ■ zij van leer, alleen tegen Tetzel. Diefstal, bedrog, spel, overspel, echtbreuk, ziedaar de edelsteenenkroon, gevlochten door den Laster. Een roman is niet prikkelbaarder dan zulk verhaal, vooral in dien modderpoel-ademenden tijd. Anekdoten, en niets dan anekdoten van den onfatsoenlijksten, onzedelijksten inhoud, gaan over Tetzel van hand tot hand, in de bedorven maatschappij, waarin men verwonderd stond, nog een kuisch, eerlijk en onbaatzuchtig mensch aan te treffen. Erg deed Luther niet mede in dat koor van straatjongensconcert; zoolang Tetzel leefde, zweeg Luther over diens zedelijk gedrag, wellicht omdat hij daarover geen zier vernomen had.

Eerst na Tetzels dood, in het j aar 1541 komt Luther voor het daglicht met Tetzels beschuldiging aangaande de reinheid van zijn gedrag. Zelfs werden na Luthers dood nog eenige beschuldigingen tegen Tetzel in Luthers werken ingelast door anderen, die het niet genoeg achtten Tetzel aangeklaagd te zien. Vraagt men mij, waaraan men de klachten, schimpscheuten, leugen, anekdoten, allen na Tetzels dood te boek gesteld, ontleend heeft, dan zal ik eenvoudig zeggen en die niet huiverig is en den treurigen moed en het noodige gezag daartoe bezit, kan het vergelijken— dat alles is geput uit Boccaccio, den meest zedeloozen schrijver van Ilalië, die met Luther en met Tetzel niets te maken heeft. In zijn Decameron, een meesterstuk van Italiaansch ptoza, hebben zijne ïHonderd Novellen” tot bron gediend voor pennehelden, als Shakspeare, Lafontaine, Voltaire, Chaucer, Drijden. Die bron is ook ten nutte gemaakt door Tetzels vijanden; de schilderingen en karaktertrekken, die mén er met meesterhand vindt gepenseeld, werden op Tetzel toegepast.