is toegevoegd aan uw favorieten.

Pius-almanak ...; jaarboek van katholiek Nederland, jrg 11, 1885, 1885

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blauwzijden lint schittert de zilveren medaille in het licht der zon. ,

Het tooneel was onbeschrijfelijk. Ouders en kinderen arm in arm, hart aan hart. Tranen van vreugde, tranen van liefde, tranen van dank; Onuitsprekelijke zaligheid.

De moeder, dronken van vreugde, kon zich met verzadigen aan den aanblik van haar kind; alsof zij vreesde hem te verliezen, sloeg zij aanhoudend hare armen om zijn hals, vatte de vader steeds op nieuw zijn zoon bij de hand en de zoon legde het gebruinde gelaat nu eens op moeders dan eens op vaders schouder en blikte dan zoo overzalig beiden in de liefdevolle oogen.

De stoet trok ter kerke. Eerst Gode gedankt, eerst Maria hulde gebracht.

Op den drempel van Gods huis, het eerbiedwaardige gelaat met tranen overplast, de armen dankend ten Hemel geheven, dan ze den wederkeerenden te gemoet gestrekt, staat de herder der gemeente.

Het is een triomftocht!

AVeer straalt het altaar van Maria in licht en bloemen, weer scharen zich de jongelingen rondom de trappen.

Het was een danklied dat er opsteeg uit aller harten en machtig ruischte onder de gewelven der oude kerk.

Komt en ziet en telt! Acht en zeventig waren er uitgetrokken, acht en zeventig knielen hier neer, dankend de machtige Moeder Gods, en in vervoering met de hand de medaille drukkend van de Onbevlekte Ontvangenis, die daar prijkte op hunne borst.

Zij was hun een onoverwinbaar schild geweest te midden der oorlogsgevaren.

Maria liad het gebed verhoord: laat ze allen behouden wederkeeren in het ouderlijk huis.

Zij waren wedergekeerd.

Toen de avond daalde, knielde de vrome priester nog lang aan liet altaar van Maria.