is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 62, 1912, no 367-372, 1912

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groei van dit heilig werk van het katholiek apostolaat gedurende de vele jaren van uw bestuur, waarin gij tot uw voldoening de aanmoedigingen van den H. Stoel- en het Episcopaat mocht ondervinden.

Dat alles moet voor U een reden van grooten troost zijn, nu oorzaken, onafhankelijk van uw goeden wil, U noodzaken den post te verlaten, die U was toevertrouwd.

’t Is ook een troost voor den Centralen Raad der H. Kindsheid, die Monseigneur de Teil als uw opvolger aan wees, te mogen denken, dat gij voort zult gaan, de leden van dien Raad door uwe raadgevingen en uwe ondervinding te helpen.

Zijne Heiligheid, die met genoegen de aanstelling van Monseigneur de Teil heeft vernomen, koestert het vertrouwen, dat hij uw voorbeeld zal weten na te volgen en schenkt var ganscher harte aan U zelf, aan Monseigneur de Teil en aan al de leden van den Centralen Raad, als onderpand van overvloedige goddelijke genaden, den apostolischen zegen.

Aanvaard, Monseigneur, met de verzekering mijner voortdurende gedachtenis, ook de uitdrukking mijner toegenegenheid in Onzen Heer.

Kard. Merry del Val.

Brief van Z. E. den kardinaal Vincent Vannuteili aan Monseigneur Demimuld.

Rome, 13 Juni 1912.

Monseigneur.

Met genoegen heb ik vernomen, dat de Centrale Raad der H. Kindsheid met algemeene stemmen Monseigneur de Teil heeft gekozen, om U op te volgen als Directeur generaal der H. Kindsheid en President van den Raad. Ook heb ik mij gehaast den H. Vader hiervan in kennis te stellen. Betere keuze had men niet kunnen doen. Z. H. was er zeer over voldaan. Ik gevoel mij dan ook gelukkig, in mijne hoedanigheid van Kardinaal-Beschermer