is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 66, 1916, no 391-396, 1916

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verheven werk te doen kennen en sympathie er voor te verwerven ; en al hadden zij die gelegenheid ook al, zij zijn te nederig om er partjj van te trekken. Maar zij zijn meer dan arme vrouwen, zij zijn de bruiden van Christus, die Hem volgen om de levenden bloemen te plukken, die de dauw van zijn heilig Bloed doet ontluiken. En juist daarom zal de Katholieke liefdadigheid niet in gebreke blijven haar ter hulp te komen. Zij zal haar de middelen verschaffen om haar werk voort te zetten en het zelfs uit te breiden, wat zeker het verlangen is van den goeden God, daar in Indië de kleine kinderen bij duizendtallen door den dood worden weggemaaid.

P. Rossillon.

Vic. gen.

HET LIEFSTE KINDJE.

Het lag in een kribbe, het Kindje schoon,

Een rozeke blonk er op ied’re koon.

Een glimlachje speelde om den lieven mond;

Geen schooner ter wereld men ergens vond.

Z’n Moederke knielde zoo vroom erbij

En was in heur ziele zoo zieleblij;

Haar lelierein harte, zoo vroom gezind.

Vergat heel de wereld om ’t lieve Kind.

Ook Jozef de Vader stond zalig daar

En vouwde z’n handen in vroom gebaar ;

Hij schouwde nu ’t Kind, dan de Moeder aan.

En was in z’n harte gansch aangedaan.