is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 75, 1925, no 445-450, 1925

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BISDOM VAN ROERMOND

Ingekomen liefdegiften.

Nicuwenhage: Door bemiddeling van Kapelaan Kuipers ƒ 25. van de jongens der zesde klas tot vrijkoop van een slaafje bij den H. Doop te noemen: „Johan”.

FEEST DER H. KINDSHEID TE HORN.

HORN. Hare helle volle stralen schoot de gouden zon op den anders zoo stillen dorpsvreg. Klokkengebeier uit den ouden toren zette den feestdag in en bracht feeststemming over gouwe en heuvel. Klankrijke melodieusse kopertonen der fanfare openden den feestgang. Een lange, lange stoet van kinderen toog ter kerke, ’t Was kindsheid, blijheid, feest der kleine lievelingen van den groeten Kindervriend, ’t Was een heerlijk schouwspel hoe plechtig en statig die vele engeltjes dezer aarde voortschreden, gedragen op witte voetjes, over een veelkleurig tapijt van groen en bloemen door devote hand neergestrooid in de rijk bloeiende bloemenmaand, de blijde-reine bruidjes in het witte kleed der onschuld, de fijne maagdenstoet in engelenkleed, de rosé martelaressengroep in lijdenskleed, de hofstoet van St. Agnes met het Lam, ’t symbool der kinderliefde en heiligenminne voor Jezus. Minnaar en Rruidegom in Koningskleed. Een achttal edelknapen in de livrei der schoone liefde mochten schragen en dragen de zegenende Eeeltenis van den Heiland der wereld, den Verlosser van blanken en zwarten, geloovigen en ongeloovigen. En de blanke-blije stoet bereikte zijn glanspunt in den schitterenden jiraalwagen, voorstellend de H. Teresia van het Kindje Jezus in de hemelglorie hare vereering en verheerlijking op aarde geëscorteerd door een ruiterschaar op een feestros. Tranen van stille aandoening en vrome hulde kwamen mij in de oogen bij het aanschouwen dier lieve heilige op haar glorietroon en ik ontmoette haar blik, stralend en glanzend van hemelsche schoonheid en heerlijkheid.... en haar kleed het simpele habijt van den Karmel was herschapen in den hermelijnen mantel en koninklijken bruidstooi van Jezus’ liefste bruidje en haar heele zachte wezen was enkel schoonheid, goedheid, liefde, en terwijl ik haar zag, welde ’t mij uit het harte: ~Kleine heilige, verkrijg de kostbare geloofsgave voor de dwalenden in verre vreemde landen. Gij, groote missionaresse van gebed en offer en liefde.”

Ik spoedde mij haar nogmaals te zien, te aanschouwen als in een visioen, op de hoeken van straten en pleinen, waar de stoet zou voorbijtrekken. Alles was zoo vroom, zoo kinderlijk-blij, zoo engelrein.