is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 80, 1930, no 475-480, 1930

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Rozenkransgroep, in de kleuren wit, rood en goud, voorstellende de blijde, droevige en glorierijke geheimen, trekt zeer de aandacht.

Het Hemelsch hof heeft zijn lustverblijf voor 'n oogenblik verlaten en wandelt door de straten van Sevenum. Sint Cecilia met haar harp omgeven van viool-, cither-, luit- en fluitspelende engeltjes komt Sevenum met ’n bezoek vereeren. Sint Barbara, in haar hand ’n toren, eveneens van engeltjes omgeven, volgt haar adellijke voorgangster op de voet.

Daar opeens ’n stel nikkers echte roetmoppen maar leuke en vroolijke snoetjes, en o zoo origineel gekleed in hun zwart tricopakjes, om de lenden ’n gordel van kleurige, loshangende lappenreepen. Sint Helena met haar kruis schrijdt koninklijk achter dat wilde troepje voort, gevolgd door de drie kardinale deugden Geloof, Hoop en Liefde, ’t Lam Gods, prachtig, in natuurlijke grootte, verguld, en liggend op een groot rood boek, gedragen door bruidjes, vormt ’n fijne groep en brengt afwisseling in al dat kleurengewemel. 'n Groote, slanke Engelbewaarder, zijn witte vleugels samengevouwen, bewaakt twee kleine ronde poezelkindjes en wijst met luchtig gebaar en spitse vinger naar boven. De kindjes kijken rond, vinger in de mond er is veel te zien en hun Engelbewaarder geeft ze af en toe ’n duwtje als ze treuzelen.

Het Kindsheid-vaandel, omgeven door een groote groep kinderen in ’t wit, is als steeds een der mooiste groepen.

Vlak erachter komt de H. Theresia van het Kindje Jesus, alweer midden in de Engeltjes, evenals Sint Agnes. Herdertjes en riddertjes gaan de volgende groep vooraf. Jezus en Sint Janneke volgen, „brüderlieh zusammen”. St. Janneke z’n body gloeit onder de dikke schapenvacht, ’t Is warm!

Hun allerzaligste Moeder en Tante, de H. Maagd Maria, glimlacht hun toe, vanuit ’n groep prachtige kleine engeltjes, met witte donzen vleugeltjes zóó gereed om mèt hun koningin op te vliegen naar hemelsche gewesten. Daarna komt de H. Elisabeth, een mandje met rozen in de hand met haar hofdames die ook al rozen dragen en 4 boerinnetjes in Thüringsche dracht, die rozen strooien voor haar voeten.

Achter haar mediteert de H. Aloysius, en veracht alle wereldsche grootheid.

Weer ’n groep in ’t wit – in ’t midden een groot bruidje, dat op ’n witzijden kussen ’t Kindje Jezus draagt. Kleine witte meisjes dragen lange witzijden linten, die aan alle kanten van ’t kussen afhangen.