Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de Victona Regia met hare schildvormige bladen die de grootte hebben van een middelmatig tafelblad, en daarneven de heilige Lotusbloem met hare ver boven het water uitstekende bladen, en hare schoone roode en witte bloemen. Wat een pracht, wat een weelde, wat een schoonheid! Zou men niet zeggen dat hier natuur en kunst alle schatten hebben bijeenvergaard om ’smenschen oog te bekoren? Evenals aan Danïel komt u het „Benedicite” van zelf op de lippen 1....

Eigenaardig contrast is het toeval of opzet? een paar schreden van den noordelijken hoek van den vijver verwijderd, staat een bamboebosch, zoo dicht bij elkander gegroeid, dat geen blik, hoe scherp ook, in staat is daarin door te dringen. Een klein voetpad, immer met mos bedekt, geeft toegang tot het inwendige. Geen zonnestraal kan den bodem bereiken: een geheimzinnig duister en een doodsche stilte heerschen op deze plek. Bij een bocht van het slingerende pad, ontwaart het oog eenige monumenten, die graven bedekken. Ja, ’t is hier de begraafplaats die tot het paleis des Landvoogds behoort Moeilijk kan er een laatst rustoord gevonden worden, dat den mensch tot ernstiger gedachten stemt, dan juist dit boschje. Onder de zware, hoog ópschietende, steeds dicht bebladerde, en naar alle zijden over de graven zacht heenbuigende bamboehalmen, vonden familieleden en verwanten van Ned. Indië’s Onderkoningen hun laatste rustplaats. Dwong de aanblik van zoo straks ons tot den uitroep: „Looft den Heer in al zijn werkenJ’*, hier spreekt het sombere: „Famte alles is ijdelheid; ook de grooten en machtigen der aarde worden door Salomons spreuk getroffen. Het kerkhof-boschje aan de andere zijde verlatende, komen wij aan den rozentuin, in het midden waarvan zich, op een kleine hoogte; een eenvoudige zuil van gepolijst graniet verheft. Dit is een huldeblijk aan Johannes Elias Theijsmann, die meer dan een halve eeuw het beheer over den tuin gevoerd heeft. Hij en zijn opvolger Dr. Treub moeten genoemd worden als mannen van buitengewone verdiensten voor ’s Lands Plantentuin. Op het einde van den rozentuin ik stip hier slechts enkele boomen aan, en wel dezulken, die aan een bewoner van het koude noorden het meeste belang

Sluiten