Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIL

Hoe wij in Indië kwamen!

door Pastoor A. VAN KALKEN.

(Vervolg en slot van 81. 22.)

De indruk dien Kaapstad maakt is zeer gunstig. Aanleg van straten en pleinen is geheel Europeesch; en ik moet eerlijk bekennen, ik ken in den Haag geen winkelstraat, die gelijk gesteld kan worden in aanleg en monumentale gebouwen met de Adderley-Street. Eon net van electrische trams, auto’s en cabs maakt het verkeer gem'akkelijk en de drukte in de straten gezellig; terwijl overvloed van gelegenheid bestaat om tegen billijke prijzen met excursie- en huur-auto’s de heerlijke omstreken te bezichtigen. Toen wij ’s morgens 9 uur de boot mochten verlaten, na eerst weer onzen pas te hebben vertoond aan zoo’n Engelschen Sinjeur, lieten we wagentjes en al dat gedoe rustig staan, dol blij als we waren weer eens een fiksche wandeling te mogen maken. U moet weten, dat het hier in Kaapstad midden-winter was, getuige de vele dames in bonten en in dierenhuiden. Voor ons, zonen van het Noorden, was die winter echter een heerlijke zomerdag in stralende zorr: in Adderley-Street stonden langs de linkertrottoirs lange rijen bloemenverkoopers en buiten de stad langs de zee bloeide het groen en stonden de bloemen in rijke kleuren en geuren. .Dat is heel anders winteren dan in Holland met viezige mistige straten, bemodderde wegen en rheumatische pijnen; alleen de boomen waren kaal en maakten een treurig figuur in die prettige omgeving. Onze eerste tocht ging van de haven

Sluiten