Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En nu waren daar eenige, eenige overgelukkigen, die op het punt stonden in de kracht van Jezus’ naam heen te gaan naar Java's kinderen en hen te brengen de zoete leer des heils.

Lang zou hunne reis zijn; ver, ver over de oceanen heen, doch bemoedigend klonk door de zaal de psalm: „Dominus regit me”, „de Heer geleidt mij”, en deedt diep in aller zielen weerklinken de waarheid, dat Jezus niemand verlaat die op Hem vertrouwt en nog minder kan verlaten degenen, die uit hooge, reine liefde alles achterlaten om hulp te brengen aan arme heiden-zielen.

Als eene profetie, wier vervulling eens de vrucht en belooning zal zijn van den grootschen missie-arbeid der Roomsche Moederkerk, zong het ten slotte na meerdere liederen geestdriftig uit veler mond: „Alle Völker schauen seine Herrlichkeit 1”

Den volgenden ochtend, feestdag van Jezus’ Goddelijk Hart, woonden de vertrekkenden in de hen allen zoo dierbare kapel van St. Elisabeth voor ’t laatst de plechtige Hoogmis bij. Na het H. Evangelie sprak de sympathieke Rector, de Zeer Eerwaarde Heer Frans Wevers, nog een kort, treffend afscheidswoord.

Tot tekst had Zijn Eerwaarde gekozen de woorden: „Gaat uit, dochters van Sion! Een heerlijk woord ontwelt mijn hart. Den Koning draag ik mijn werk op!”

Met innige woorden wees Zijn Eerwaarde de vertrekkenden op den Koning, aan Wien zij haar werk wijdden en hoe hun vertrek samenviel met het feest van het H. Hart, waartoe zij, Zusters-Missionarissen, toch het arme Java-kind wilden brengen. Heerlijk schoon zette hij uiteen, hoe Jezus H. Hart hier op aarde juist als zij scheidens-smart had gevoeld en geleden, toen Hij het stille bergdorp Nazareth verliet en moest achterlaten Zijn Lieve Moeder, de beminnenswaardigste aller vrouwen. Maar Jezus telde eigen smarten niet, want zijn lijden gold de redding der zielen; zoo ook zou 'bij ’t schrijnend afscheidswee het de troost der Zusters zijn, dat zij voortaan meer van nabij mochten meearbeiden aan het groote werk, waarvoor Koning Jezus zich gaf geheel en al.

Ten slotte beloofde Zijn Eerwaarde aan de vertrekkenden, dat in de kapel van St. Elisabeth dagelijks uit het midden van medezusters en pensionairen een vurig gebed zou opstijgen