Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

’t Inlandsch Onderwijs voor Midden-Java, de Weledelgestr. Heer Schalken, ingenomen met den waarlijk goeden geest, die de leerlingen bezielde. Voor ons moge dit o.a. blijken uit het feit, dat er van de 24 jongens niet minder dan acht ’t verlangen dorsten te uiten, naar ’t Seminarie te mogen gaan. Voorzichtigheidshalve evenwel werd er één reeds afgewezen voor ’t Seminarie, vijf uitgesteld, terwijl er slechts twee definitief werden aangenomen. Een der remmende redenen is de tegenstand, die de jongens van thuis ondervinden. De twee gelukkigen zijn weer, na een paar dagen vacantie te hebben genoten, in Moentilan teruggekomen, om zich speciaal op ’t Nederlandsch toe te leggen, dat zij, met hun Normaalschool-cursus, slechts als bijvak hebben leeren kennen, maar dat zij nu op ’t Seminarie terdege zullen noodig hebben. In September hopen ze ’t Land van belofte te mogen binnen trekken.

Nadat pastoor Ruijgrok op twintig Februari vijf volwassen melaatschen, krachtens bijzondere volmacht, gevormd had in het, voor ouderen moeilijk te bereiken, gesticht van Plantoengan, deed de Apostolische Vicaris van Batavia een Vormreis door het overige deel van het Semarangsche district en diende hij er te Kendal, Koedoes en Tjandi, resp. aan 29, 47 en 91 personen het H. Vormsel toe; verder nog aan 260 in Semarang’s hoofdkerk te Gedangaan en aan 130 in de bijkerk van Bankong. Dat was de oogst van twee jaren.

Pastoor F. Fleerakkers, de te Soerabaja zeer geziene vlootaalmoezenier, zal vandaar naar het gebied der Jezuïeten-missie vertrekken en als vloot-aalmoezenier vervangen worden door den weleerwaarden heer G. W. Litjens, Lazarist te dier plaatse. De gewezen vloot-aalmoezenier zal als leger-aalmoezenier optreden.

Maart bracht den Katholieken de teleurstelling, slechts twee hunner in den nieuwen Volksraad benoemd te zien, zoodat hun aantal in dit met 'ƒ4 vermeerderde college, de verkiezing van een hunner ten spijt, toch niet grooter is, dan dat van den vroegeren Volksraad. De uitverkorenen waren de heeren A. B. ten Berge en J. A. Monod de Froideville. De heer J. Bruineman, die voor dezen laatste op hun lijst stond, werd opvallend gepasseerd. Het onaangenaamst was echter, dat zij

Sluiten