Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich gewaardigden zich te vertoonen. Neen, als er in de afdeeling Japara armoede, en soms zelfs gebrek heerschte, dan was dat zeker niet te wijten aan Kartini’s vader, die met ware liefde en toewijding de belangen zijner onderdanen behartigde. Is het te verwonderen, dat in zulk een omgeving ook in het kinderhart zich hooggestemde, edele levensopvattingen vastwortelden? Door God met ruime talenten naar ziel en lichaam begaafd, voelde reeds haar kindergemoed, welk diepgrievend onrecht de strenge Javaansch-Mohammedaansche adat harer maatschappij de vrouw aandeed.

Als kind op school vroeg een harer Europeesche kameraadjes haar eens, wat zij worden wilde. Een nog ongekende vraag voor een Javaansch meisje van die dagen. Vol verlangen snelde zij naar huis met haar levensvraag; Wat zal ik later worden? „Wel een Raden Ajoe natuurlijk!” was het antwoord.') Een Raden Ajoe, dat was dus haar toekomst! Sinds dien begon zij te vragen, te zien, te luisteren. En langzaam aan, maar met onverbiddelijke zekerheid werd het haar klaar, welk een onwaardige rol aan de vrouw in de Javaansche maatschappij was toebedeeld. Haar jong en levenslustig hart, dat als kind de vrijheid had gekend, welke de adat van haar stand haar later weer ontnomen had, kwam toen in opstand: zij was toch mensch, evengoed als welke man dan ook, met verstand en vrijen wil! En hoe dieper een blik zij kon werpen in haar omgeving, des te schrijnender duidelijk werd het haar, welk een wantoestand er heerschte in de Javaansche samenleving, vooral onder den adel: de moeder, de eerste opvoedster toch van elk geslacht, van geheel het volk, had niets te beteekenen, werd niet geteld: het meisje had geen andere toekomst dan thuis maar in stilte af te wachten, totdat op een goeden dag een of andere haar wildvreemde man, dien zij niet kende en omtrent wien haar oordeel niet was gevraagd, haar kwam halen, misschien als de zooveelste bijvrouw, of als de eerste van zooveel anderen, met wie zij het huis zou moeten deel en! Nooit, dat nooit! sprak haar fiere hart, en hoog en rotsvast rees voor haar geest haar levensideaal: te strijden voor de rechten van de vrouw, en

') Raden Ajoe is de titel van gehuwde adellijke Javaansche vrouwen.

Sluiten