is toegevoegd aan uw favorieten.

Geneeskundig tijdschrift voor Nederlandsch-Indië, 1909, 01-01-1909

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sief is*), daar laat zich gemakkelijk verklaren, waarom de immuniteit in malaria-vrije streken zoo spoedig verloren gaat. Immers door de nog in het lichaam aanwezige parasieten zullen steeds complement +amboceptoren worden gebonden, zoodat de voorraad dezer immuunlichamen spoedig uitgeput zal raken, wanneer de productie daarvan door steeds nieuwe infectie niet onderhouden wordt.

Tevens wordt m. i. ook het recidief, opgewekt door schadelijke gelegenheids-oorzaken, op deze wijze gemakkelijk verklaard. Algemeen toch is bekend, dat oververmoeienis, afkoeling, enz. het weerstandsvermogen van het lichaam tegen ingedrongen micro-organismen belangrijk kan verlagen. Zoo maakten Canalis en Morpurgo door het laten hongeren van duiven deze dieren gevoelig voor miltvuurinfectie. Charrin en Roger bereikten hetzelfde bij ratten, door deze dieren in draaiende trommels af te matten. Pasteur en Wagner zagen, dat kippen door koude baden, door injectie van antipyrine en chloral gevoelig werden voor miltvuur-infectie.

Hetzelfde proces denk ik mij bij het malariarecidief. Stel b. v. iemand herbergt in zijn bloed malariaparasieten, zonder dat hij koorts heeft. Men kan zich nu voorstellen, dat onder invloed van malaria-immuunlichamen en complement het virus verzwakt blijft voortbestaan. Treft hem nu echter een schadelijke oorzaak, waardoor b. v. het complementgehalte van het bloed daalt, dan zouden hierdoor momenteel de levensomstandigheden der parasieten veel

*) Bij de bacillaire infectie-ziekten heeft deze gemitigeerde parasitolyse na Wright's ontdekking der opsoninen veel van zich doen spreken. Terwijl nl. Wright in zijne opsoninen specifieke stoffen ziet, die bij den strijd der lichaams-verweermiddelen tegen ingedrongen microben een groote rol spelen, houdt von Baumgarten deze opsonische werking voor een lichten graad van bacteriolytische verandering der bacteriën onder invloed der bacteriolysinen. Ook Neufeld en Hüne verklaren deze opsonische werking voor identisch met die van amboceptor -f- complement, eveneens S 1 e e s w ij k.